Ga naar de inhoud

Het ambtenarenapparaat kraakt

Bij zijn komst als minister-president in 2010 sprak Rutte over een ernstige bestuursobesitas die aangepakt moest worden door de overheid op een streng dieet te zetten, want bureaucratie is een belasting op groei.

5 min leestijd

(Foto: Rutte bij Unilever in St Petersburg in 2013, Rijksvoorlichtingsdienst, Flickr CC2.0)

Zijn zakelijke aanhang was vast tevreden, zo in de trant van ‘er zijn veel te veel van die pennenlikkers en wat doen ze eigenlijk; bovendien geven ze meer last dan gemak. Dus minder ambtenaren, wij zorgen wel voor die economische groei’.

Ruttes motto luidde: afslanken die overheid, laat de markt zijn werk doen. Bekend zijn inmiddels de privatisering van nutsvoorzieningen en de minder bekende uitverkoop van de sociale huursector (corporaties) aan vastgoedbedrijven. Zijn hulpje Stef Blok die van het ene naar het andere ministerie sprong om orde op zaken te stellen, struinde een reeks van internationale vastgoedbeurzen af. Daar promootte hij bij institutionele beleggers de goedkope huren in de Nederlandse steden. En met succes. Aangenomen wordt dat in de periode 2012-2022 ongeveer vijftien miljard euro aan overwegend buitenlands kapitaal in de Nederlandse woningmarkt gestoken is (de Groene Amsterdammer, 6 juli 2023). Gevolg: stijgende huren, dalende investeringen en de wooncrisis van vandaag.

Inleen en vacatures

Die woonellende en andere crises laten we hier rusten, het demissionaire kabinet zal dat overigens ook doen. Terug naar de pennenlikkers, de beleidsuitvoerende ambtenaren in de departementen met hun klassieke lage sociale status en onzichtbaarheid – zwoegend en zwijgend. Die status wordt bevestigd door hun zichtbare collega’s met kille controletaken als strafkortingen bij ’te veel’ tandenborstels in de slaapkamer van een bijstandsmoeder. En recent, de illegale gegevensverzameling door het UWV over de verblijfplaats van uitkeringsgerechtigden.

Rutte en zijn kabinetten lieten het hier niet bij zitten en pakten ook het ambtelijke apparaat aan. Daar liep de ‘afslanking’ behoorlijk uit de hand. Bijvoorbeeld door de uitbesteding van werk aan de markt, de zogenoemde ‘derden’. In 2022 opgelopen tot zo’n 2,7 miljard euro, drie keer zo veel als in 2012, ruim 14 procent van het personeelsbudget en betaald aan ict’ers, interim-managers en consultants (de Volkskrant, 19 mei 2023). Tegelijkertijd waren er meer dan 33.000 vacatures (de Groene Amsterdammer, 2 maart 2023). Een kaalslag die de oud-vicepresident van de Raad van State Tjeenk Willink omschreef als de ineenstorting van de overheid, een patroon van onvermogen, een wrakkige en uitgewoonde overheid (lezing Raad van State, 2 juni 2022).

Rutte was een moderne manager (Unilever) en is dat gebleven, zoals blijkt uit de ingevoerde flexibilisering van de interne ambtelijke organisatie. Als bij een willekeurig bedrijf vindt functieroulatie plaats, op verschillende niveaus en tussen de verschillende ministeries. Deze kweek van generalisten zet de traditionele bureaucratie onder druk. Met als gevolg dat geleidelijk deskundigheid verloren gaat. Anders gezegd het ‘beleidsgeheugen’ verzwakt, een omvangrijke ‘inleen’ zal dat moeten compenseren. Deze veralgemening van functies wordt ook een criterium in de werving van ambtenaren. Integriteit, specifieke kennis en vaardigheden maken plaats voor politieke sensitiviteit, een politieke antenne en een gevoel voor het ‘politieke spel’. Loyaliteit aan de ambtelijke top en bescherming van de minister en staatssecretaris moeten vanzelfsprekend worden. Kortom, de scheiding tussen politicus en ambtenaar verschraalt.

Twijfels en kritiek

Handhaving van die scheiding staat in Ruttes lange tijdperk ook onder druk door de van ambtenaren verwachte uitvoering van stroef tot stand gebrachte coalitieakkoorden. Daarin is meestal gezamenlijkheid, bij gebrek aan beter, een kwestie van beeldvorming. Hoe dichter bij de beleidspraktijk, des te gammeler zijn die akkoorden door aanpassingen en nieuwe beloftes. Topambtenaren zoeken voor hun minister mogelijke uitwegen, al of niet met de hulp van externen. De ‘gewone ambtenaar’ kan als eindstation niet veel meer doen dan uitvoeren, zelfs als de geloofwaardigheid van de overheid in het geding is. Veel meer keus dan slikken of vertrekken lijkt er niet te zijn. De toepassing van de Woo, Wet op openbaarheid, laat regelmatig zowel de moeizame uitvoering zien als de kritiek daarop.

Die wet dateert van mei 2022, een vervolg op eerdere wetgeving, en bespreekt het recht op informatie over het handelen van de overheid (van ministeries tot waterschappen). De spanning tussen openbaarheid en vertrouwelijkheid ligt voor de hand, zo ook de mate van vertrouwen in de overheid. Om een indruk te geven van de omvang: in het jaar 2022 duurde de afhandeling van de ingediende verzoeken gemiddeld 167 dagen. Bij de kwesties rond corona waren duizenden documenten en honderden juristen betrokken. Voortdurend gaat het om vragen als: waar liggen bij wie de verschillende stukken, inclusief de mailwisselingen, en waar ligt de grens van vertrouwelijkheid. Het zwart lakken is inmiddels berucht. En dit alles vergezeld met ‘het gewone werk gaat gewoon door’. Onderzoek bij 2.275 ambtenaren over hun ervaringen leidde tot de conclusie dat bijna de helft het afgelopen jaar morele twijfels had. Ze zien hoe ze onder politieke druk soms keuzes moeten maken die niet in het belang zijn van de publieke zaak. (de Groene Amsterdammer, 6 juli 2023).

Die twijfels spreken 4.011 ambtenaren als kritiek uit. Ze doen dat in een brandbrief aan het kabinet Rutte en de Tweede Kamer, 12 juli 2023. Ze noemen zich bezorgde ambtenaren, zijn werkzaam in tal van ministeries en andere overheidsorganisaties en maken zich grote zorgen over de trage uitvoering van de klimaat- en ecologische crisis. In het bijzonder spreken ze een dringende oproep uit om per direct het verzet tegen de Europese Natuurherstelwet te staken. (klimaatcoalitie.org/brandbrief)

Hoopvolle twijfels en kritiek in een overheidswereld die stuurt op volgzaamheid en Ruttes marktliefde.