Vijf jaar na zijn oprichting probeert Podemos toe te treden tot de socialistische regering van Pedro Sánchez. Maar de partij geleid door Pablo Iglesias is intern verdeeld en verliest aan slagkracht. Als er tegen 23 september geen akkoord gevonden wordt om een regering te vormen zullen er nieuwe verkiezingen zijn op 10 november. [De verkiezingen op 10 november werden op 17 september bevestigd]

(Door Raúl Piña, verschenen op 26 augustus 2019 in El Mundo Nederlandse vertaling door Ander Europa foto bloco/CC2.0/Flickr)

Op 17 januari 2014 werd in het Teatro del Barrio in Madrid Podemos geboren en voorgesteld als een ‘politiek initiatief’. Op die dag werd de ‘violette’ formatie gelanceerd op een hobbelig parcours bezaaid met allerlei obstakels, goed voor heel wat deuken in de carrosserie.

Het nieuwe Spaanse politieke landschap, de resem verkiezingen en de onophoudelijke interne twisten lieten Pablo Iglesias partij niet toe om het versnellingspedaal los te laten, de motor uit te schakelen en het vrij rudimentaire mechanisme waarmee ze vertrokken waren te reviseren. De formatie komt in een delicate fase: de overgang van de cirkel (de asembleas aan de basis) naar een driehoek (de hiërarchisering of ‘bunkerisering’ van de leiding zoals de interne critici het noemen), of van de pleinen en straten naar de villa in Galapagar 1.

Podemos is wel een jonge partij, maar op weg naar de volwassenheid komt ze op een kritisch punt. Pablo Iglesias heeft in grote mate zijn politieke toekomst en die van zijn partij verbonden met het al dan niet toetreden tot de volgende regering. Hij maakt zich sterk dat zijn formatie ministerportefeuilles zal hebben, in een coalitie met de PSOE, de Socialistische Partij van Pedro Sánchez. Maar dit wordt door de socialisten verworpen, en daardoor dreigt het land naar nieuwe verkiezingen te gaan. In dat geval zal Podemos opnieuw aangewezen worden als hoofd- of medeschuldige voor de blokkering van het land.

“We moeten politieke successen behalen”

“Podemos is ontstaan om te regeren, en regeren betekent de dingen veranderen”, luidt het in de partij. In de leidinggevende kringen wordt dit  streven naar macht op het nationale vlak vertaald in “de noodzaak om zich als efficiënte en nuttige politieke kracht te manifesteren.” “We willen nuttig zijn”, klinkt het binnen de harde kern; “we moeten politieke successen behalen, aantonen dat we concrete maatregelen kunnen doordrukken, zoals in het verleden de verhoging van het minimumloon tot € 900. Daarvoor bestaat geen andere weg dan te regeren.”

Bij verkiezingen komt Podemos op in een coalitie, ‘Unidas Podemos’, met Izquierda Unida, Equo en kleinere linkse partijen.

Deze overwegingen geven een verklaring voor de huidige strategie van de partij. Meer dan vijf jaar na de oprichting werpt de vuile was die publiek werd uitgehangen meer gewicht in de schaal dan de concrete maatregelen die de stempel van de partij dragen. “We hebben geen tijd te verliezen om aan te tonen dat Podemos efficiënt is en niet ontstond om een Partido Popular voort te brengen”, luidt het.

Deze ongerustheid wordt ook verklaard door het feit dat de zogenoemde ‘gemeentebesturen van de verandering’, waarvan Podemos een uithangbord had gemaakt, nog niet echt hebben opgeleverd wat verhoopt werd van een beheerstrategie. En symbolen als Manuela Carmena (Madrid) en Kichi (Cádiz) namen hun afstand tot Podemos, terwijl Ada Colau (Barcelona) af te rekenen heeft met de veiligheidsproblemen in haar stad, en een moeilijke evenwichtsoefening uitvoert rond de kwestie van de Catalaanse onafhankelijkheid.

De ‘omhelzing van de beer’

In die omstandigheden zijn de woorden die Iglesias in januari 2014 uitsprak vandaag nog steeds actueel: “Op de pleinen werd geroepen Het kán en vandaag zeggen wij: wij kunnen!” [toespeling op de naam Podemos, ‘wij kunnen’]. Deze ambitie om te regeren is voor de partij echter een tweesnijdend zwaard voor haar politieke geloofwaardigheid. Juan Carlos Monedero, behoeder van het gedachtengoed van Pablo Iglesias, schreef onlangs in een artikel in El Confidencial: “Podemos kan niet tot een regering toetreden als er geen garantie is op een beleid dat haar aanwezigheid in de ministerraad rechtvaardigt. Als we tot een regering toetreden maar geen enkele sociale politiek kunnen doorvoeren, bij gebrek aan budget of bevoegdheid, zal de ‘omhelzing van de beer’ Podemos de das omdoen. Na drie maanden zullen de mensen de Podemos-ministeries belagen en oplossingen eisen.”

Sommigen gaan niet akkoord met de strategie die Iglesias volgt sinds de laatste verkiezingscampagne in april, een strategie die erin bestaat om zich voor te stellen als een bondgenoot van de PSOE en zijn kiezers ter beschikking te stellen van de voorzitter van de socialistische regering. “Deze onderwerping zou ondenkbaar geweest zijn in 2016, toen we elkaar als gelijken behandelden. Vandaag is dat natuurlijk onmogelijk”, aldus partijleden die door de krant werden aangesproken. “We worden geconfronteerd met de gevolgen van een opgebruikte leider en een versplinterde partij, die steeds minder steun krijgt van de burgers. Bij elke stembusgang verliezen we kiezers  De enige overblijvende keuze is te regeren ten allen koste, met als enige ambitie de nar te zijn van de socialisten.”

Natuurlijk deelt de leiding deze analyse niet. Ze is van oordeel dat Podemos blijk gegeven heeft van politieke bekwaamheid, maar dat dat niet werd gehonoreerd. Ze verwijst daarbij naar een van haar grote successen: de rechtse PP-premier Mariano Rajoy uit het zadel gegooid te hebben. Bij de motie van wantrouwen in juni 2018 waren het de Podemos-vertegenwoordigers die riepen: ja, we kunnen. Ze bevestigen dat zij het waren die met de andere partijen onderhandelden, niet de PSOE; zij boden de leiding van de regering gratis aan Pedro Sánchez aan. Juist dit ‘succes’ verklaart veel van wat er vandaag gebeurt. Podemos vindt dat het onheus behandeld werd: “De PSOE heeft veel van de overeengekomen maatregelen niet nageleefd.  Sánchez heeft ons bij de horens genomen, maar we zijn niet van plan dit opnieuw te laten gebeuren.”

Wie beslist?

Maar wie beslist dat het ogenblik gekomen is om het openbaar nut van Podemos aan te tonen? Dat is duidelijk Pablo Iglesias, de absolute en zelfverzekerde  leider van de partij. De interne crisissen en breuken binnen de formatie hebben zijn macht nog versterkt, en hebben hem toegelaten zijn aanhangers op topposities te plaatsen. Het pijnlijke afhaken van Íñigo Errejón [medeoprichter met Iglesias van Podemos], het verdwijnen van Ramón Espinar [die voorzitter was van de Madrileense afdeling van Podemos] of de breuk met de groep Anticapitalistas die de bovenhand had in Podemos Andalucia, dat alles maakte de weg vrij voor een nog steviger greep van Pablo Iglesias en partner Irene Montero op de partij; voor sommigen is Podemos zelfs een ‘familieproject’ geworden… Anderen vinden dan weer dat de regels gevolgd werden zoals vastgelegd in de statuten.

De binnenste machtscirkel in Podemos bestaat uit zes personen: Pablo Iglesias, Irene Montero, Pablo Gentili, Juanma del Olmo, Rafael Mayoral en Pablo Echenique. Ze zien elkaar in Galapagar, ze bespreken onder elkaar de ontmoetingen van Iglesias met Pedro Sánchez, enz. Ze kennen elkaar sinds lang, behalve Gentili, die Iglesias eerder dit jaar als stafchef binnenhaalde. Deze Argentijn heeft gewerkt voor de regeringen van Lula da Silva en Dilma Rousseff in Brazilië en is, naar de mening van velen, verantwoordelijk voor de metamorfose van Iglesias, die zijn agressieve toon achter zich liet en streeft naar matiging en doelgerichtheid.

In een tweede vertrouwenscirkel vinden we Ione Belarra, Noelia Vera en Alberto Rodríguez. Er zijn nog anderen, bijvoorbeeld Gloria Elizo, maar in Podemos speelt de generatiefactor een belangrijke rol. Aan de top vinden we vooral mensen van dezelfde generatie. Rodriguez is toegetreden tot dit machtsniveau door zijn benoeming in juni als de nieuwe secretaris van de organisatie, ter vervanging van Echenique. Sommigen interpreteren dit als ‘de kop die moest rollen‘ na de slechte resultaten bij de gemeenteraads- en autonome verkiezingen en de aanhoudende structurele en organische zwakte van de partij,  maar volgens de partijtop was de verandering nodig omdat Echenique betrokken is bij de besprekingen met de regering.

Organizatorische herschikking

Rodriguez heeft het mandaat om van Podemos weer de partij van de asembleas te maken, om de driehoek ­ – resultaat van de hiërarchisering ­-  weer tot cirkel om te vormen en wat verticaal is terug horizontaal te maken. De ontevredenheid aan de basis en in de asembleas ,­ de plaats waar militanten debatteren,­ was de afgelopen jaren overduidelijk. Dat deze kringen aan belang en aandacht verloren wist iedereen. Nu is er een secretariaat voor de asembleas opgericht ‘om het militantisme te bevorderen’, onder leiding van Ana Marcello.

Er wordt verwacht dat de leiding binnenkort van Rodriguez een plan zal vragen, niet alleen voor de herintegratie van de basis, maar ook een voorstel om de kaders meer theoretische en praktische training te geven om maatschappelijk te ageren. Rodriguez onderneemt in dit kader een tour van Spanje, met bezoek aan de verschillende regio’s.

Ook intern zal binnenkort de kwestie van de opvolging van Iglesias ten berde komen. Sommigen menen dat hij zich aan het terugtrekken is. De volgende zittingsperiode zou zijn laatste zijn en algemeen wordt gedacht aan Irene Montero als zijn opvolger. “Podemos kan de vlag van het feminisme zijn. Het zou een zware vergissing zijn als de leiding een mannelijke opvolger zou voorstellen.”