Ga naar de inhoud

Nieuwe NAVO-structuren aan de oostflank

Het Duits-Nederlandse korps krijgt de verantwoordelijkheid voor Letland en Estland

5 min leestijd

(Foto: Oefeningen bij Münster, Flickr, IGNC-Münster, CC-BY-2.0)

De NAVO herschikt haar commandostructuren met het oog op Rusland. In dit verband is nu ook een herverdeling van de verantwoordelijkheden aan de oostflank van de NAVO aangekondigd, waar het momenteel in Münster gevestigde Duits-Nederlandse korps in de toekomst verantwoordelijk zal zijn voor Estland en Letland. De Duitse leiderschapsambities in de regio komen daarmee ook steeds meer tot uiting in de zich ontwikkelende nieuwe NAVO-commandostructuren

Strijdkrachtenmodel en defensieplannen

In juni 2022 keurde de NAVO een nieuw strijdkrachtenmodel goed, waarmee het aantal troepen werd verhoogd van 40.000 naar 300.000 soldaten die binnen 30 dagen in hoge paraatheid kunnen worden ingezet (nog eens 500.000 worden tot dag 180 in reserve gehouden). Tijdens de top in Vilnius keurde de NAVO vervolgens defensieplannen goed waarin concrete troepen werden toegewezen aan drie geografische verantwoordelijkheidsgebieden: Noord (JFC Norfolk), Noordoost (JFC Brunssum) en Zuidoost (JFC Napels).

In december 2025 vond er opnieuw een wijziging plaats en werd de verantwoordelijkheid voor de defensieplanning voor Denemarken, Zweden en Finland overgedragen van Brunssum naar Norfolk. Over de functie van deze hoofdkwartieren is bij de Bundeswehr het volgende te lezen: „De operationele hoofdkwartieren van de NAVO (JFC) zijn onder leiding van het strategische hoofdkwartier in Mons verantwoordelijk voor de planning en uitvoering van militaire operaties. In geval van nood worden de strijdkrachten vanuit deze hoofdkwartieren aangevoerd; in vredestijd plannen ze onder andere oefeningen en afschrikkingsmaatregelen.”

Duitsland legt de nadruk op de „verdediging“ van de oostflank (inclusief de Noordzee) en heeft daarom vrijwel altijd de commandant van het JFC Brunssum geleverd, sinds juni 2025 de voormalige inspecteur van de luchtmacht Ingo Gerhartz. Begin 2026 tekenden zich nog grotere verschuivingen in de NAVO-commandostructuur af, toen werd gemeld dat de VS van plan waren twee tot dan toe altijd door Amerikaanse militairen beklede commandoposten over te dragen aan Groot-Brittannië (JFC Norfolk) respectievelijk Italië (JFC Napels). Het derde commando (JFC Brunssum) zou in de toekomst volgens het rotatieprincipe tussen Duitsland en Polen worden geleid. Dienovereenkomstig werd al in februari 2026 gemeld dat de Poolse generaal Wieslaw Kukuła Gerhartz zou opvolgen als chef van het JFC Brunssum.

Een commandoniveau lager valt het JFC Brunssum onder het Multinationaal Korps Noordoost (HQ MNC NE), dat zijn hoofdkwartier heeft in het Poolse Szczecin en waaraan maximaal 60.000 militairen ondergeschikt zijn. Ook hier wisselen Duitsland en Polen elkaar af in het commando: luitenant-generaal Jürgen-Joachim von Sandrart (2021 tot 2024) werd opgevolgd door generaal Dariusz Parylak (2024 tot heden). Het takenpakket van het MNC NE, waartoe vanuit Duitse hoek vooral de 10e Pantserdivisie (Veitshöchstheim) behoort, wordt door de Bundeswehr als volgt beschreven: „Het hoofdkwartier is verantwoordelijk voor het uniforme bevel over de NAVO-activiteiten in Estland, Litouwen, Letland en Polen. Als hoogste NAVO-commando in de regio is het HQ MNC NE verantwoordelijk voor de NAVO-grondtroepen die al aan de noordoostelijke flank van het bondgenootschap zijn gestationeerd. Indien nodig staat het hoofdkwartier klaar om talrijke andere troepen te leiden en te controleren, waaronder ook de landeenheden die in geval van crisis snel kunnen worden ingezet.”

Duits-Nederlands Korps: Estland en Letland

Gisteren heeft het ministerie van Defensie in een persbericht bekendgemaakt dat de bevoegdheidsgebieden opnieuw worden herschikt. Met het Duits-Nederlands Korps (1GNC) wordt naast Szczecin een tweede commando voor de regio opgericht, dat halverwege het jaar de verantwoordelijkheid „in de regio Estland en Letland“ op zich zal nemen.

Met het korps, waarvan het commando om de beurt door Nederland en Duitsland wordt waargenomen, versterkt Duitsland zijn ambitie om „een leidende rol op de oostflank van de NAVO“ op zich te nemen, zoals het persbericht van het Duitse ministerie van Defensie (BMVg-Pressemitteilung) vrij duidelijk benadrukt: “Hiermee wordt aan het I. Duits-Nederlandse Korps een aanzienlijke verantwoordelijkheid toevertrouwd voor het leiden van oefeningen en andere voorbereidende activiteiten, evenals voor de verdediging van de oostflank in geval van nood. Deze verantwoordelijkheid ligt momenteel bij het Multinationaal Korps Noordoost (MNC NE). Met de oprichting van een tweede hoofdkwartier in de regio, naast het MNC NE, tonen Duitsland en Nederland hun bereidheid en hun vermogen om verantwoordelijkheid te nemen voor de afschrikking en de verdediging van de oostflank van de NAVO.”

De krant Frankfurter Rundschau geeft een indruk van de omvang die hier in het geding is: „Een legerkorps telt bij volledige inzet doorgaans 40.000 tot 60.000 soldaten. In vredestijd functioneert het als een gestroomlijnde commandostructuur met kerncapaciteiten zoals artillerie, luchtverdediging en medische dienst – klaar om snel te worden ingezet.“ Bij volledige inzet zou ook de 1e Pantserdivisie (Oldenburg) onder het 1GNC vallen; in het commando, dat momenteel in Münster is gevestigd, zijn permanent ongeveer 1.200 militairen actief.

Het artikel in de Frankfurter Rundschau is vooral ook opzienbarend omdat het melding maakt van plannen om ten minste een deel van de staf van Münster naar Estland te verplaatsen: „De Estse minister van Defensie, Hanno Pevkur, heeft tegenover de Estse publieke omroep ERR bevestigd dat de NAVO de stationering van het Duits-Nederlandse korps in Estland onderzoekt. Als voorkeurslocatie noemde hij Pärnu – een stad in het westen van het land met een haven, vliegveld, spoorverbinding en directe wegverbinding naar Riga. ‘Als de keuze op Estland valt, dan zou Pärnu de beste locatie zijn. We hebben dit al met de stad besproken’, zei Pevkur.”

De nieuwe NAVO-commandostructuur in Oost-Europa krijgt vorm – en Duitsland bevindt zich daarbij letterlijk in de frontlinie.