Over armoede, uitbuiting, koopkracht en rijkdom: Hoe vreselijk is het als je hard werkt om je naasten een redelijk bestaan te geven en daar niet in slaagt. Armoede is toegenomen onder werkende Nederlanders, staat in een studie getiteld: Als werk weinig opbrengt; uitgebracht door het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), 3 oktober 2018.

(Door Maurice Ferares, oorspronkelijk verschenen op solidariteit.nl)

In 2001 verkeerde volgens het SCP 3,1 procent van de werkenden in armoede. In 2014 was dat 4,6 procent, of wel 320.000 mensen. Iets minder dan de helft daarvan (145.000) was een zelfstandige. Het SCP hanteert een armoedegrens van 1.063 euro netto per maand voor een zelfstandige en 2.000 euro netto per maand voor een gezin met twee kinderen. De armoede treft veel gezinnen die rond moeten komen van deeltijdbaantjes en uitzendwerk van minder dan twintig uur per week.

Koopkracht overtrokken begrip

Een verhoogd risico om arm te zijn, hebben werkenden met een Turkse of Marokkaanse achtergrond, aldus de studie. Een duidelijker bewijs voor discriminatie van arbeidskrachten die in Nederland werken maar daar niet geboren zijn, is er niet. Het is geraffineerde uitbuiting van mensen die moeten werken om geaccepteerd te worden als een respectabel onderdaan en daarvoor met veel genoegen moeten nemen in de hoop het land niet uitgezet te worden. Dat weten ze immers nooit. We spreken dan nog niet eens over het aantal van bijna 1,5 miljoen mensen dat al meer dan vier jaar onder de armoedegrens heeft geleefd zonder zicht op verbetering in hun situatie. Geraffineerde uitbuiting treft niet alleen de mensen die uit een ander land naar Nederland zijn gekomen om een bestaan te vinden. Ook de Nederlandse burgers worden bedrogen en uitgebuit.

In het Financieele Dagblad van 3 oktober 2018 schreef Sylvester Eijffinger, hoogleraar economie aan de universiteit van Tilburg, een groot artikel. Er staan twee koppen boven. De bovenste luidt: Koopkracht: eerst zien dan geloven. Daar onder: Kabinet heeft steeds meer knoppen om tot mooie koopkrachtcijfers te komen. Er is een probleem, De voorspellingen komen eigenlijk nooit uit.

Koppen die geen twijfel laten over de inhoud van het artikel waarvoor Eijffinger twee pagina's nodig had. Hij citeert ook collega's. Emeritus hoogleraar fiscale economie Stevens is er één van. Die zegt onder meer: Er is al jaren sprake van overtrokken aandacht voor koopkrachtplaatjes. Niemand herkent zich in die cijfers. Koopkracht is een overtrokken begrip. Voor grote groepen is die jarenlang te veel achtergebleven. Netjes gezegd en heel waar. En de oorzaak van het achterblijven van de koopkracht van miljoenen? (*1)

Winsthonger ondernemers

Opmerkelijk is dat in de discussie de stem van de vakbeweging niet is gehoord. Niemand heeft daar een opmerking over gemaakt. Eijffinger noemt de FNV, de grootste vakbond met meer dan een miljoen leden, niet in zijn artikel en geen van de andere discussianten doet dat wel. Het kan zijn dat de vakbeweging niet om een mening is gevraagd, omdat ze haar geen factor van betekenis meer vinden. Immers de FNV leiders zijn volkomen in gebreke gebleven bij de behartiging van de belangen van hun leden tegenover de ondernemers. Ze hebben hun organisatie buiten spel gezet.

Ondanks dat veel ondernemingen in de afgelopen jaren geweldige winsten hebben gemaakt, is daarvan niets ten goede gekomen aan degenen die de voorwaarden boden voor het behalen van die winsten. Een recent onderzoek van het NIBUD (Stichting Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting) - verricht op verzoek van de partij 50PLUS - over de omstandigheden van de werkenden en gepensioneerden in 2017, leverde als uitkomst dat nagenoeg al die mensen er vorig jaar op achteruit zijn gegaan. Hoe vaak zal dat nog gebeuren? Het is de allerhoogste tijd dat ondernemersbediende Rutte en zijn coalitiepartners verdwijnen om plaats te maken voor een regering die een antikapitalistisch program uitvoert. Daarbij kan ook de vakbeweging een grote rol spelen. Nu zijn de hongerlijders aan de beurt om te eten.

------------------

(Noot: *) Volgens het blad Quote, 31 oktober 2018, bezitten de 500 rijkste Nederlanders samen ruim 163 miljard euro. Dat is bijna 19 miljard euro meer dan in 2017. Een stijging met 11,6 procent. De grootste stijger was volgens Quote Arnout Schuijff, de oprichter van Adyen, een Nederlandse beursgenoteerde onderneming. Zijn huidig vermogen wordt geschat op 1,1 miljard euro. Dat is 1.407 procent meer dan de schatting in 2017. Nummer één op de lijst zal hij, voorlopig althans, niet worden. Op die plaats staat Charlene de Cavalho-Heineken, dochter van de overleden biermagnaat, met haar geschatte vermogen van 12,8 miljard euro. Ook prinses Mabel, schoonzus van koning Willem Alexander, ontbreekt niet op die lijst, zij staat op plaats 149 met 240 miljoen euro spaargeld. (terug)