O Agente Secreto: De banaliteit van de Braziliaanse dictatuur
De film die in de Nederlandse bioscopen draait onder de maffe Engelse vertaling The Secret Agent, maar gewoon O Agente Secreto heet (of De Geheime Agent) geeft indringende beelden van een maatschappij waar straffeloosheid en dictatuur heerst en mensen gewon door proberen te leven.
De film van Kleber Mendonça Filho, die eerder onder andere Bacurao maakte, kiest ervoor om ver weg te blijven van het centrum van de politiek of de dictatuur, en heeft geen spektakel nodig heeft om die in beeld te brengen. Je moet wel weten dat in 1977 de militairen aan de macht zijn (en dat al vanaf 1964), maar je ziet ze nauwelijks. Zeker niet in een stad als Recife, ver weg van het centrum van de macht. Maar de angst is er wel, en goed zichtbaar.
Wat een dictatuur doet is met angst regeren, zodat de zakenmannen tevreden zijn en verzet tegen armoede de kop wordt ingedrukt. Dat laat de film van heel dichtbij zien. Zo dichtbij dat je er als kijker onpasselijk van kunt worden.
Vorig jaar kwam ‘ Ainda Estou Aqui’ (Ik ben er nog) uit, van Walter Salles. Over precies dezelfde tijd, maar toch heel anders.
Salles verhaal speelt in gegoede progressieve kringen in de grote stad. Maar met dezelfde uitkomst: wie zijn nek uitsteekt loopt gevaar.
Bij de film van Kleber Mendonça Filho kruipt de dreiging erin als we langzaam het leven binnenkomen van Marcelo (gespeeld door Wagner Moura). Die komt in een Volkswagen kever terug naar de stad Recife waar zijn zoontje bij de ouders van zijn overleden vriendin opgroeit. In de openingscenes wordt meteen duidelijk dat hij op moet passen voor elke agent die in zijn buurt komt en kan besluiten om hem ‘mee te nemen’. De scenes zijn langzaam en het landschap is stoffig. Er wordt de tijd genomen om in beeld te brengen hoe het land er aan toe is.
Marcelo is van plan zijn zoontje op te halen om samen met hem verder te gaan. Het wordt nooit goed duidelijk of hij nu echt politiek actief is geweest. Het simpele feit dat hij zich op de provinciale universiteit openlijk verzette tegen het feit dat een of andere ondernemer er met een mijnbouwproject vandoor gaat, is waarschijnlijk genoeg geweest om zijn doodsvonnis te tekenen. Net als dat van zijn vrouw, die dan dus al overleden is en het waagde de ondernemer te schofferen in een restaurant.
Marcelo wordt verstopt in een nauwelijks verborgen gebouw waar meer vluchtelingen onderdak hebben, en waar des avonds gepraat wordt over koetjes en kalfjes. Ook daar is de politiek meestal ver weg, evenals op de plek waar ze voor Marcelo werk vinden. Het bevolkingsregister is echter bij dictaturen altijd een plek vol politiek en strijd, en daar vindt ook een langdurige achtervolging plaats die het draaipunt van de film vormt. Veel blijft – bewust- onduidelijk in de film, de achtergronden van alle mensen blijven vaag, zoals dat gebeurt als je elkaar toevallig tegenkomt en het gevaarlijk is om naar details te vragen. Je moet er maar op vertrouwen dat je geholpen wordt, en zelf ook aardig doen.
Net als bij de film van Walter Salles krijgen we het uiteindelijke verhaal (of wat er nog van terug te vinden is; dictatuur vernietigt ook archieven en geheugen) aan het eind te horen als de overlevenden aan het woord komen. Het mondt daardoor uit op een ontroerend en contemplatief eerbetoon aan een van de slachtoffers van het moorddadige systeem, en daarmee alle slachtoffers ervan.
De film is lang en gelaagd en ongelofelijk goed gedraaid. Het contrast tussen de feestelijke carnavalstaferelen buiten, en de dreiging binnen, is een rode draad, evenals de bioscoop waar de opa van het zoontje werkt. De dreiging die de film Jaws veroorzaakt bij kijkers, is nogal inwisselbaar met de taferelen die de doodseskaders in het land aanrichten, en die af en toe behoorlijk gruwelijk in beeld komen.
Toch is het geen simpel zwart-wit verhaal. Juist niet. De film laat zien hoe armoede ervoor zorgt dat mensen collaboreren en niemand meer zeker kan zijn van zijn eigen collega’ s en buurtbewoners. Iedereen kan voor een paar centen omgekocht zijn om een rol te spelen in het ‘uitschakelen’ van ongewenste burgers.
Het is de wereld waar de Bolsonaros en Baudets naar verlangen, omdat het hun enige manier is om volledig straffeloos macht uit te kunnen oefenen.
De overlevenden manen op een indirecte manier om dat nooit meer te laten gebeuren. Niet alleen de nakomelingen zijn er nog en hebben een nieuw leven opgebouwd. Ook de archieven zijn de prominente overlevenden, in de vorm van cassettebandjes met interviews.