(Anne Archet 5) Men heeft je het leven ontnomen? Steel het terug!
Hoofdstuk vijf van het boek Verweervuur van Anne Archet, vertaald door Geert Carpels. In deze tijden van massale plunderingen…
(Door Anne Archet, uit Verweervuur en andere teksten (online hier te vinden in Nederlandse vertaling, de illustratie is van de publicatie Sirventès : Poésies au gaz lacrymogène)
Ik heb lang geworsteld met een paradox betreffende het individualisme die me centraal lijkt in onze post-industriële maatschappijen. Het gaat als volgt: zowat iedereen gaat ervan uit dat het individualisme alomtegenwoordig is, maar als je een individualist bent, word je door iedereen beschimpt. Zijn mensen dan individualisten zonder het te willen? Hebben ze dan een hekel aan zichzelf omdat ze egoïsten zijn?
Een van de pistes om deze paradox te verkennen is volgens mij te vinden in de instelling van eigendom die in wezen een collectieve instelling is, radicaal tegengesteld aan het individu. Mensen zijn niet echt individualisten : de meest onderdrukten doen gewoon wat ze kunnen om zelf te overleven, terwijl de rijksten onder hen nog het minst individualistisch zijn omdat ze samenwerken om het onderdrukkende apparaat in stand te houden dat hen in staat stelt hun macht te behouden. Het enige individualistische gedrag dat wordt aangemoedigd is de handelsbetrekking, de commerciële uitwisseling die onze begeerten volgens strikt opgelegde regels oriënteert naar de trechter van de consumptie. De rest van onze existentie bestaat uit zelfverloochening en zelfontkenning, van het offer van onze diepste begeerten en van de afstomping door de deeltijdse slavernij die onder de naam werk gekend is. Wanneer het enige lichtje van vrijheid in ons arme bestaan de eigendom is, en wanneer die eigendom nood heeft aan een zwaarwichtig onderdrukkend apparaat (per definitie collectief) om te blijven bestaan, dan is het duidelijk dat het individualisme een gevaar wordt dat moet worden bestreden. Vandaar de merkwaardige paradox van het vastgestelde individualisme van de consumptie en het gehoonde individualisme dat het sociale apparaat bedreigt dat de eeuwigheid van de onderdrukking verzekert.
Dit brengt me tot de gedachte dat men niet echt – ik bedoel volledig – individualist kan zijn en tezelfdertijd het eigendomsprincipe verdedigen. De meest subliem egoïstische daad is het aanvallen van de eigendom met het doel die af te schaffen.
Economie – die niets anders is dan de dominantie van het overleven ten koste van het leven – is essentieel voor het behoud van alle vormen van dominantie. Zonder dreiging van gebrek, van ontbreken, van tekort, zou het moeilijk zijn om individuen tot gehoorzaamheid te dwingen, tot de dagelijkse en dodelijke routine van werk en salaris. Eigendom, of ze nu publiek of privé is, isoleert het individu van de wereld door een situatie te scheppen waarin die toestemming moet vragen om te verbruiken door middel van een economische uitwisseling veeleer dan door gewoon te nemen wat men wil en nodig heeft. Op die manier worden aan iedereen verschillende niveaus van armoede verzekerd. Ook en zelfs aan de rijksten, omdat er veel meer wordt verboden dan toegelaten om te bezitten onder voogdij van de eigendom. De dominantie van het overleven op het leven wordt op die manier bestendigd.
Kortom, eigendom is een afsluiting en die omheining ophouden vereist een veelheid aan onderdrukkende instellingen om het individu in het keurslijf en gemuilband te houden. Alleen door die omheining te slopen, kunnen we hopen van het overleven naar het leven over te stappen.
Kijk, daarom is het ook zo heerlijk om te stelen en huizen te kraken. Het oude gezegde heeft gelijk : misdaad loont niet – ze geeft. Het beste moment van een betoging is wanneer ze op een opstand uitdraait. En het beste moment van een opstand is wanneer ze uitdraait op een sloop, van vitrines die uiteenspatten en van uitstalramen die worden geledigd. Dat die momenten universeel door links en rechts worden afgekeurd, door alle ideologen, bewijst duidelijk dat er iets belangrijks aan de gang is, wat gebeurt is cruciaal, onherleidbaar tot het politieke spel.
Natuurlijk, frauderen met sociale bijstand of zich behelpen met dumpster diving laat toe te overleven zonder zich aan werk te moeten vastketenen, maar deze activiteiten blijven binnen het economische domein zonder het in wezen te bestrijden. Dit geldt ook voor krakers die hun recht op een dak boven het hoofd laten gelden en hun statuut proberen te legaliseren, en voor dieven die van hun misdrijven een job maken zoals elke andere job met als enige doel deel te kunnen nemen aan de collectieve hoogmis van de consumptie. Al die mensen hebben er geen enkel belang bij de economie te vernietigen; al wat ze willen is een groter stuk van de taart, de omheining in hun voordeel wat verder wegduwen. Zij die daarentegen stelen en kraken in een logica van opstand doen het door de logica van eigendom uit te dagen, namelijk door te weigeren zich te onderwerpen aan de dwang van een wereld die ze niet zelf hebben gemaakt.
De opstandige diefstal voltrekt zich wanneer een individu neemt wat hij of zij begeert zonder aan wie dan ook toestemming te vragen, telkens wanneer de gelegenheid zich voordoet. Het gaat dan om een uitdaging van de ons opgelegde economische regeltjes. Het draait er dan om een deeltje te nemen uit de hoorn des overvloeds en schoonheid van de wereld die onder afsluitingen wordt versmacht. Dan is het een opstandige daad. Nemen wat men begeert en aan iedereen geven wat men maakt, noemt men communisme, en dat kan hier en nu, onmiddellijk, worden geleefd.
Om de sociale controle zeker te stellen, worden de individuen vanaf hun geboorte ontdaan van hun leven. In ruil ontvangen ze het economische overleven, een miserabel bestaan van deeltijdse slavernij en van handelstransacties die op een klein vuurtje de dood tot gevolg hebben. Men spiegelt de mogelijkheid voor om het leven aan z’n volle prijs terug te kopen, misschien zelfs op afbetaling. Tot je laatste adem blijf je betalen zonder ooit een minuut vrijheid te hebben gekend. Indien je je leven noch kunt kopen, noch kunt bedelen, dan is de enige oplossing het te stelen – en dat wil zeggen, nemen wat je begeert zonder toestemming te vragen.