Ga naar de inhoud

‘Macht is vervloekt, daarom ben ik anarchist’ Louise Michel

“Het gaat niet om kruimels. Wat op het spel staat is de oogst van een hele wereld, een oogst die noodzakelijk is voor de hele toekomstige mensheid, een oogst zonder uitbuiters en zonder uitgebuitenen… Als er ooit een macht was die iets kon doen, dan was het wel de Commune, bestaande uit intelligente, moedige mannen en vrouwen met een ongelooflijke eerlijkheid, die onbetwistbare prestaties van toewijding en energie hadden geleverd. De macht heeft hen vernietigd en hen geen ander onverbiddelijk verlangen nagelaten dan dat van opoffering. Want macht is vervloekt, daarom ben ik anarchist.”

4 min leestijd

Op 9 januari 1905 sterft Louise Michel, lerares, anarchiste en sinds vijf jaar geadopteerde Londense, in Marseille, Frankrijk. Als ‘onwettige’ dochter van een dienstmeid werd ze opgevoed door haar grootouders van vaderskant, in het noordoosten van Frankrijk. Toen haar grootouders stierven, voltooide ze een lerarenopleiding en ging ze in dorpen werken.

Louise werd berecht na de brute onderdrukking van de Commune van Parijs, waar arbeiders en soldaten de macht hadden overgenomen – de staat vermoordde 30.000 mensen. Ze werd onder andere beschuldigd van poging tot omverwerping van de regering, het aanzetten van burgers tot bewapening en het bezit en gebruik van wapens. Ze werd verbannen naar een gevangeniseiland en bracht vier maanden door in een kooi op een gevangenisschip. Ze werd een nationale volksheldin en kreeg in 1880 amnestie, waarna ze naar Londen kwam.

Nadat ze was vrijgelaten uit Nieuw-Caledonië, een Franse kolonie in de Stille Oceaan, werden zij en andere communards die amnestie hadden gekregen, naar Sydney, Australië, gebracht, vanwaar ze met het postschip ‘John Helder’ naar Londen reisden. Terwijl het schip in de mist in de monding van de Theems wachtte om naar de haven te worden geleid, begaven Franse ballingen in Londen zich in kleine bootjes naar het schip om het te begroeten en communardliederen voor hun kameraden te zingen.

Ze vermeldt dat ze samen met haar vrienden ‘vijf katten uit Nouméa (de hoofdstad van Nieuw-Caledonië) via de loopplank in Londen heeft gesmokkeld’ en dat ‘toen ze eenmaal in Londen waren, voor de brandende kachel, met een enorme kom melk die mijn vrienden hadden meegebracht, ze zich begonnen uit te rekken en te geeuwen’.

Ze gaf les aan de Anarchist School in Fitzroy Square en raakte erg gesteld op de stad en haar inwoners: ‘Londen! Ik hou van Londen, waar mijn verbannen vrienden altijd welkom zijn geweest, Londen, waar het oude Engeland, dat in de schaduw van de galg staat, nog steeds liberaler is dan de Franse burgerlijke republikeinen’. Dit alles ondanks het weer – ‘de zwarte Londense winter waar een wolk van mist boven hing. Regendruppels condenseerden in een onophoudelijke mist en kwamen af en toe in brede lagen naar beneden… een ijskoude avond in de grote, koude vergaderzaal voor een koud en correct publiek uit de chique buurt met immense paleizen waaronder de ellendigen als dieren in holen leven. Maar ondanks dat voelde ik een indruk van menselijke eerlijkheid die bleef bestaan, ongeacht de vervloekte ketenen die mensen elkaar eindeloos opleggen…’

De Anarchistische School in Fitzroy Square. In het bestuur zaten Peter Kropotkin, Errico Malatesta en de libertaire socialist William Morris. Ze hoopten “de kinderen weg te houden van de religieus georiënteerde staatsscholen, die bewust of onbewust leren dat het volk moet worden opgeofferd aan de macht van de staat en de winst van de bevoorrechte klassen”. (link)

Zie ook Louise Michel – The rebel. 2009. 90 min. Regisseur: Sólveig Anspach. De film volgt het verhaal van haar veroordeling en deportatie naar de strafkolonie Nieuw-Caledonië in de Stille Zuidzee. 4500 communards werden daarheen gestuurd. Ze sterkt niet alleen haar medegevangenen in hun moed, maar sluit ook vriendschap met de eilandbewoners, de Kanaken. Ze leert hen Frans, ontdekt hun gewoonten en identiteit en voelt zich solidair met hun eigen opstand. In het Frans met Spaanse ondertitels:

Onze eigen Ferdinand Domela Nieuwenhuis was persoonlijk bevriend met Louise Michel, en vernoemde een van zijn kinderen naar haar. Hij organiseerde (al in 1882) een lezingenreeks voor en met haar in Nederland (zie artikel in De As winter 1997. Hij schreef ook een boek over haar na haar overlijden in 1905 (Louise Michel, 1830-1905, De Roode Bibliotheek, 1906).

Vele jaren later, in 1972, schreef de veelschrijver Theun de Vries een hoorspel voor de Vara-radio over Louise Michel onder de titel ‘ Engel in het Harnas’ . Het was onderdeel van een tweeluik over de Parijse Commune. Omdat Theun de Vries lange tijd een nogal stijl marxistische ideologie heeft omarmd, ben ik benieuwd of in het hoorspel anarchisme ook maar aan bod komt. Hij was in 1971 trouwens al wel uit de CPN gstapt (of gegooid). Maar ik heb de tekst – die bij Van Gennep in gedrukte vorm werd uitgegeven – besteld en zal u de uitslag doorgeven.

Zie ook uitvoerige biografie van Louise Michel op Historiek