Ga naar de inhoud

Palantir: de revolutie komt van rechts

Het is begrijpelijk dat het ‘Manifest van Palantir’, het bedrijf dat rijk wordt met artificiële intelligentie, zoveel stof doet opwaaien. Een korte tekst, 22 punten, bondig en scherp geformuleerd, pleitend voor een ommekeer van ‘waarden en normen’, het doet even schrikken.

9 min leestijd

(Foto: indybay)

Toch zegt die tekst op zich niet zo veel, hij doet wel veel vermoeden. Om te weten waar het echt over gaat is het boek nodig waarop het Manifest is gebaseerd, ‘The Technological Republic. Hard Power, Soft Belief and the Future of the West’, geschreven door Alexander Karp en Nicholas Zamiska, medestichters van het bedrijf. Daarin wordt alles in detail uitgelegd en het besluit kan niet anders zijn dan: dit is puur fascisme.

Het begint met een vrij zware kritiek op de bedrijven van Silicon Valley: ze zijn uitsluitend gericht op producten voor de consumenten, hun activiteit staat niet in dienst van een hoger doel zoals de ‘natie’ of de ‘Staat’. Ze dragen dus niet bij tot meer veiligheid en welzijn. Ze rekenen op de markt en die markt levert niet wat op een bepaald moment nodig is.

Erger nog, bijdragen tot een collectieve maatschappelijke onderneming ziet men er als een anachronisme van vorige eeuw, het is afgeschreven. In Silicon Valley is men ervan overtuigd dat individuele rechten altijd en overal op de eerste plaats moeten komen.

Daarmee, aldus de auteurs, zitten die bedrijven op het totaal verkeerde pad. Ze moeten dringend nadenken over een hoger doel en over wat nationale identiteit kan betekenen. Ondernemingen moeten zich inschrijven in een nationaal programma van defensie en afstappen van het liberalisme.

Hoofdstuk na hoofdstuk worden de details van dit programma besproken. Hoe het denken in de V.S. is afgedwaald naar de verdediging van diversiteit en hoe het daardoor onmogelijk wordt nog duidelijke en ‘moedige’ standpunten in te nemen. Denk aan de wollige uitspraken van de universiteitsrectoren naar aanleiding van de pro-Palestina betogingen. Maar, ‘zij die nooit iets fout zeggen, zeggen vaak helemaal niets’.

Als je vrije samenlevingen wil verdedigen is er meer nodig dan een morele oproep, er is harde macht nodig en die kan door software worden geleverd. Vooruitgang voor de mensheid zal niet komen van consumptieproducten maar van een ruimteprogramma zoals Apollo, van bijdragen tot die sectoren die door de markt worden genegeerd.

Daarvoor moeten risico’s genomen worden, er is intellectuele moed voor nodig en daardoor is er ook een vast geloof voor nodig, iets wat in ons huidig systeem wordt bestraft. Zo gaan de waarden van het Westen verloren. Verdraagzaamheid voor alles en nog wat betekent dat men nergens in gelooft. Een moedig geloof heeft geen bewijsstukken nodig.

Je kan onmogelijk rekening houden met alles en iedereen want als je de zwakkeren wil beschermen ontneem je hen tegelijk hun menselijkheid, je ontkent hun handelingscapaciteit. Het leidt ertoe dat je uiteindelijk niets of niemand verdedigt.

Er is integendeel een gemeenschappelijk narratief nodig, een canon met teksten en waarden, een gemeenschappelijk kader waarin iedereen naar believen kan handelen zonder dat kader in twijfel te trekken. Creativiteit en innovatie, jazeker, maar binnen de perken van het hogere ideaal. Vergelijk het met de structuur van een bijenzwerm. Iedere bij weet wat haar te doen staat, zonder gecentraliseerde bevelen.

Er is daarom niet meer dan één grote theorie nodig waaruit zal blijken wie we zijn en wat onze aspiraties zijn.

Het agnosticisme van de moderne wereld, de eis dat mensen hun persoonlijke overtuigingen achterwege laten wanneer ze in de openbare ruimte komen, zet de deur wijd open voor het marktdenken.

In dit alles, aldus nog de auteurs, ligt de mislukking van het linkse project. Men was tegen de markt maar tegelijk niet bereid om na te denken over een nationaal project en een gedeelde identiteit. Het post-nationalisme zat grondig fout, het zijn de elites die kosmopoliet zijn, het volk is altijd lokaal, zo wordt Manuel Castells geciteerd.

Palantir staat voor het geloof in een nationaal en gemeenschappelijk project. We moeten de vaste waarden voor het goede leven definiëren en dat zal betekenen dat sommige andere waarden niet aan bod kunnen komen. Cultuurrelativisme is uit den boze.

We moeten nu werken aan een nieuwe orde, gebaseerd op waarden en niet doen zoals met de Verlichting en de wetenschap is gebeurd: denken dat men waarden overboord kan gooien en moet zoeken naar waarheid. Nu moeten we beslissen wat we precies willen en voor welk hoger doel.

De eigenaar van Trump

Het bedrijf dat deze ’waarden’ naar voren schuift is eigenaar van het Trump-regime, aldus journalist Dean Blundell. Het programma dat wordt voorgesteld is een imperium van controle en toezicht op de hele bevolking. Het is het gevaarlijkste bedrijf ter wereld.

De massadeportaties van migranten en de ‘zelfdeportaties’ zoals het ICE-programma die uitvoert berusten op een contract met Palantir. Stephen Miller, medewerker van Trump en architect van het programma, is ook aandeelhouder van Palantir.

De belastingdienst van de V.S., de IRS, werkt met databanken van Palantir. Het is gewoon illegaal, volgens sommige parlementsleden. DOGE, de dienst van Elon Musk in de beginmaanden van Trump’s tweede mandaat, werkte met personeelsleden van Palantir.

Het Witte Huis wierf Palantir’s hoofd van de dienst “’Inlichtingen en onderzoek’ aan. Een andere hoge piet bij Palantir zou een baan bij het Pentagon krijgen.

In het Pentagon zelf lopen nu al contracten voor zo’n 10 miljard US$. Het hoofd van de defensie-afdeling bij Palantir is een voormalig parlementslid en is goede maatjes met Pete Hegseth, minister van oorlog.

Met de marine kon Palantir in 2024 softwarecontracten afsluiten voor zo’n één miljard US$.

De politie van New York en Los Angeles gebruiken programma’s van Palantir, net als het Israëlische leger.

In 2020 werd al 2,4 miljoen US$ uitgegeven aan lobbying. In 2025 was het al 6,1 miljoen. Palantir werkt met hetzelfde bedrijf als Trump.

Goed om weten ook dat Peter Thiel beste maatjes was met Jeffrey Epstein en er meer dan tien jaar lang intensief mee in contact was. Epstein was één van de vroege investeerders in Palantir.

Curtis Yarvin tenslotte, de auteur van ‘Dark Enlightenment’ stond op de loonlijst van Palantir. Thiel investeerde in één van zijn bedrijven. Yarvin pleit voor de afschaffing van de democratie en wil de V.S. besturen zoals een onderneming met aan het hoofd een CE0-koning. ‘Laat de echte mensen de boel runnen’.

Revolutionair rechts

Het Manifest van Palantir is een politiek manifest. Het tekent een wereld die bepaald niet die is van progressieven die geloven in de waarde van elke cultuur en waarschuwen voor de gevaren van elk uitsluitend nationalisme.

Wat er wordt gesteld over ‘waarden’ is niet zozeer dat er vandaag te veel op waarden wordt voortgegaan, maar impliciet dat het de verkeerde waarden zijn. Het volstaat de grondwetten van de westerse democratieën er op na te lezen om te zien dat vrijheid, gelijkheid en broederlijkheid/solidariteit zo goed als overal voorop staan. De auteurs van Palantir willen wel vrijheid, maar binnen een door hen vastgelegd kader. ‘Democratie en vrijheid zijn niet verenigbaar’, aldus Peter Thiel al in 2009. Ze willen vooral géén gelijkheid want bescherming van zwakkeren zou ontmenselijkend zijn, op dezelfde manier als in het neoliberalisme een minimumloon in het nadeel van arme mensen is. Solidariteit staat evenmin op de agenda, hoewel het bedrijf, samen met anderen in Silicon Valley toch begint na te denken hoe te overleven in een wereld met ontzaglijk grote ongelijkheden.

De bestaande solidariteit van de verzorgingsstaten is voor hen uiteraard uit den boze, maar ze willen nadenken over vormen van basisinkomen of belasting op vermogen en/of op kapitaal. Ze beseffen dat artificiële intelligentie voor ontzettend veel werkloosheid kan zorgen. Het komt dan wel goed uit dat ze vooral niet langer voor iedereen moeten zorgen. De organische solidariteit van de gemeenschap moet voldoende zijn. In een zuiver darwinistisch denken mogen de zwakkeren trouwens verdwijnen.

Het is vooralsnog niet duidelijk in hoeverre dit manifest beperkt blijft tot één enkel bedrijf, Palantir, dan wel of zijn waarden ook gedeeld worden door andere bedrijven van Silicon Valley of elders.

De google’s van deze wereld stonden eerder bekend als libertair, maar hebben zich wel snel aangepast aan de eisen van Trump bij het begin van zijn tweede mandaat. In het boek krijgen ze er ook flink van langs omdat ze zich met de foute doelstellingen bezig houden. Alsof iPhones de wereld kunnen redden!

Dario Amodei van Anthropic werpt zich op als het morele geweten van de AI-sector en weigerde om zijn programma Claude te laten gebruiken door het Pentagon. Zijn voorwaarden: niet gebruiken voor massatoezicht en niet voor autonome wapens. Trump wil echter niet weten van ‘woke’ artificiële intelligentie en zijn contracten werden verbroken.

Bij Google gingen duizenden personeelsleden de straat op om te vermijden dat hun werk in dienst zou staan van het Pentagon.

Echt verzet tegen het fascisme valt er van deze ondernemingen wellicht niet te verwachten. Het fascisme heeft altijd en overal kunnen rekenen op steun van het bedrijfsleven dat democratie te traag en te moeizaam vindt. Ook al willen sommigen nog een schijn van niet-emanciperend sociaal beleid hoog houden, de klassenstrijd vervangen door een verenigend idee van de natie is altijd mooi meegenomen.

In zijn onderzoek naar de rechterzijde en het fascisme in de 19de en 20ste eeuw spreekt Zeev Sternhell van een ‘revolutionair rechts’. Meer nog dan de linkerzijde is het duidelijk rechts dat de liberale orde volkomen overboord wil gooien. Dit verklaart trouwens waarom begin van de 20ste eeuw zoveel intellectuelen va     n links ook zijn overgestapt naar uiterst rechts. ‘Ze bleven revolutionair, maar hielden op socialistisch te zijn’.

Dit is wat ook nu kan gebeuren, want aan de linkerzijde is de hemel beslist niet opgeklaard. Na de val van de Muur én de mislukking van het neoliberalisme is het verzet tegen alles wat naar echt socialisme of neoliberalisme ruikt erg groot. De psychologisering van de sociale strijd, de hang naar ‘verbondenheid’ en lokale saamhorigheid tonen aan dat de materiële aspecten én de klassentegenstellingen vaak vergeten worden.

Hoe dan ook, wat Palantir voorstelt is duidelijk revolutionair. De ‘oude orde’ moet weg en een nieuwe orde moet worden opgebouwd. ‘Ethics is for suckers’. Dag na dag zien we, ook in Europa, hoe diverse elementen van zo’n narratief én beleid ingang vinden. Bij gebrek aan een links revolutionair narratief dat een geloofwaardig perspectief biedt op een ‘andere’ wereld, is het risico groot dat de ideeën van uiterst rechts de bovenhand krijgen.

Lees ook het standpunt van Uitpers over ‘Het fascisme dat komt’