Ga naar de inhoud

Bezuinigingsbeleid werkt! Armoedebestrijding is geslaagd!

Sommige mensen zullen verbaasd zijn om dit te lezen. Maar ja, de verhalen over bezuinigingen en armoedebestrijding doen precies wat er van hen verwacht werd. De meeste mensen geloven ze en protesteren als de beloftes niet worden nagekomen.

4 min leestijd

(In het Engels verschenen op globalsocialjustice.eu, vertaling globalinfo.nl)

Maar we zouden ons moeten afvragen of deze beloftes echte zijn? Of zijn ze gewoon een manier om de aandacht af te leiden van de werkelijke doelstellingen van het gevoerde beleid.

Neem het soberheidsbeleid (‘austerity’). Beweerd wordt dat dit noodzakelijk is om een begrotingsevenwicht te realiseren, om de overheidsschuld te verminderen zodat uiteindelijk economische groei en werkgelegenheid mogelijk gemaakt worden. En deze belofte is niet vervuld. Dat kan ook niet. En degenen die dit verhaal produceren weten dit heel goed. Het bezuinigingsbeleid is onderdeel van het neoliberale programma om de staat te hervormen en een nieuw sociaal paradigma in te voeren, weg van de vakbonden en de welvaartsstaat, maar gericht op armoedebestrijding.

Neoliberalisme, mogen we nooit vergeten, gaat niet over de verzwakking van staten, maar over de hervorming van de staat en die binnen een beperkte reikwijdte te versterken. En dit gebeurt, dus ja, aan de echte doelstellingen van soberheid wordt voldaan. Voeg daarbij de groeiende invloed van multinationals – via lobby en internationale overeenkomsten over handel en investeringen – en zien we de opkomst van de ‘gevangen staten’ wiens doel niet meer is om te zorgen voor het welzijn van haar bevolking, maar om de’ Corporate Citizens ‘ te helpen en te bevorderen.

Hetzelfde geldt voor het hele verhaal over armoedebestrijding. Wie het begrip vanaf zijn oorsprong in detail analyseert – de Wereldbank in 1990 – ontdekt dat het niets te maken heeft met armoede of met de armen. Het ging toen om de versterking van de macro-economische en institutionele hervormingen, en om het afschaffen van verzorgingsstaten, publieke sociale voorzieningen en sociale verzekeringen.

Zoals altijd, en zoals reeds gezegd door diverse wetenschappers in het recente en niet-recente verleden, is armoedebestrijdingsbeleid nooit in de eerste plaats gericht op het helpen van arme mensen. Ze hebben andere doelstellingen, zoals economische programma’s of politieke legitimiteit. Armoedebestrijding was het sociaal etiket op het Washington Consensus beleidspakket. Ze gaven de neoliberale globalisering een menselijk gezicht. En bovendien is het meest dringende probleem niet armoede, maar ongelijkheid.

Wat betekent dit? Allereerst dat we zeer voorzichtig moeten zijn met nieuwe verhalen en deze eerst goed moeten analyseren voordat we ze bekritiseren. Hun boodschap zou wel eens kunnen verschillen van wat die op het eerste gezicht lijkt te zijn. En we mogen nooit vergeten dat elke politieke boodschap die hegemonie wil – zoals neoliberalisme doet – ook behoefte heeft aan goede beloftes – armoedebestrijding, werkgelegenheid … – zodat die gemakkelijker door mensen wordt geaccepteerd. Tegen de tijd dat mensen ontdekken dat niet aan de beloftes kan worden voldaan, kan de hegemonie al zijn bereikt.

Natuurlijk blijft het belangrijk om de verhalen te deconstrueren en om te laten zien waar en hoe ze bevooroordeeld zijn, zoals ik vorige maand heb gedaan door aan te tonen hoe onbetrouwbaar de armoedestatistieken zijn (LINK), en zoals dat ook gebeurt in andere bijdrages op de website van Global Social Justice.

Het is daarom ook belangrijk om het nieuwe discours over ‘sociale bescherming’ zorgvuldig te bestuderen, want inderdaad, dit gaat niet per se over sociale bescherming, maar zou wel eens een verbeterde versie van armoedebestrijding kunnen worden. In dienst van de markten. Ontdekken waar discoursen over gaan, kan helpen om op tijd verzet te organiseren. Het betekent dat we niet hoeven te wachten tot we over ongeveer vijf of tien jaar kunnen ontdekken dat ‘sociale bescherming’ geen sociale bescherming betekent. We kennen de risico’s, en we zouden moeten reageren.

Het neoliberalisme is erg goed in het veranderen van de betekenis van woorden. Door ‘armoedebestrijding’ te noemen wat in feite het veranderen van een sociaal paradigma was. Door een mislukt beleid voor armoedebestrijding ‘sociale bescherming’ te noemen, of het uitroepen van van ‘participatie’ of ‘sociale innovatie’ voor de ondergang van de verzorgingsstaat.

We weten het. Het is niets nieuws. Maar we zouden daar tegen moeten ageren.

————–

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen, gespecialiseerd in ontwikkelingsproblematiek, en dan vooral in het onderzoek naar armoede, ontwikkeling en internationale organisaties. Zij doceerde lang aan het HIVT / RUCA (thans Hogeschool Antwerpen). Zij is lector aan de Université Libre de Bruxelles en gastdocent aan de Universiteit Gent. Zij is lid van het redactiecomité van Samenleving en Politiek en van Vrede

Een van de onderwerpen van studie en kritiek van Francine mestrum zijn de millenniumdoelstellingen.