De trends waar we in 2026 voor moeten uitkijken
We bevinden ons in een moment van diepgaande crisis voor zowel het liberalisme als het kapitalisme. Toenemende ongelijkheid, stagnerende productiviteit en klimaatafbraak – om er maar een paar te noemen – ondermijnen ons sociale systeem. In 2026 zullen deze crises, volgens econoom Grace Blakeley, alleen maar moeilijker te negeren worden.
(Foto door Jia Da Chon, pexels)
Het hoofdverhaal zal waarschijnlijk niet één enkele schok zijn. In plaats daarvan zullen we het voortdurende uiteenvallen zien van een sociaal systeem dat bijeen wordt gehouden door schuld, ontkenning en, steeds vaker, brute kracht. De vraag voor 2026 is niet óf er iets zal breken, maar wát er zal breken – en wie gedwongen zal worden te betalen wanneer dat gebeurt.
De grenzen van hoge rentetarieven
Centrale banken zullen blijven volhouden dat hun werk bijna klaar is. Ze zullen ons vertellen dat de inflatie onder controle is, terwijl ze de rente hoger houden dan iemand in de jaren 2010 had verwacht. Maar in 2026 zal de schade die het gevolg is van aanhoudend krap monetair beleid onmogelijk te negeren zijn. Buiten sectoren die worden gedragen door de AI-bubbel zal de bedrijfsinvestering waarschijnlijk zwak blijven, zal de productiviteit blijven stagneren en zullen de balansen van huishoudens steeds kwetsbaarder worden.
Centrale bankiers zullen balanceren op een koord tussen het hoog genoeg houden van de rente om inflatie te temperen, en het laag genoeg houden ervan om een recessie te vermijden. Maar dit evenwicht wordt veel moeilijker naarmate de AI-bubbel verder opblaast. Lage leenkosten zullen de grote spelers aanmoedigen om meer te lenen voor de bouw van datacenters – en hoe meer schuld zich tijdens de opwaartse fase van deze bubbel opstapelt, hoe meer pijn er zal worden gevoeld wanneer ze barst.
Grote bedrijven zullen hun marktmacht blijven gebruiken om consumenten uit te knijpen
Ondertussen verdwijnen de onderliggende oorzaken van inflatie – de klimaatcrisis, monopolistische marktmacht en handelsoorlogen – niet. Klimaatontwrichting blijft voedselproductie riskanter en duurder maken, wat leidt tot hogere prijzen voor consumenten. Grote bedrijven zullen hun marktmacht blijven gebruiken om consumenten uit te knijpen. En de grote strijd tussen de VS en China zal wrijvingen in de wereldhandel blijven veroorzaken. Geen van deze problemen kan worden opgelost met hogere rentetarieven – maar dat betekent niet dat centrale bankiers niet zullen blijven proberen, waarbij ze de pijn in het proces bij werkende mensen neerleggen.
Bezuinigingen 2.0
Nu de verkiezingen in verschillende grote economieën achter de rug zijn, de rente relatief hoog is en de groei zwak blijft, zullen we waarschijnlijk een terugkeer zien van de politiek van bezuinigingen. Politici zullen ons vertellen dat er geen geld meer is en dat ze de overheidsuitgaven moeten inperken in naam van stabiliteit en discipline.
Natuurlijk hebben bezuinigingen niets te maken met het terugdringen van overheidstekorten. Vraag het maar aan Trump: zijn “Department of Government Efficiency” slaagde er vooral in om de krantenkoppen te halen, terwijl de overheidsuitgaven gewoon bleven stijgen. Zoals we na de financiële crisis zagen, betekenen bezuinigingen dat er wordt gesneden in die onderdelen van de staatsuitgaven die werknemers ten goede komen, terwijl er tegelijk meer cadeautjes gaan naar de rijken en machtigen. Met andere woorden: het is opnieuw een wapen in de klassenstrijd die door de top wordt gevoerd.
Oproepen tot vermogensbelastingen zullen genegeerd blijven
Reken op verdere uitholling van publieke diensten, bezuinigingen op sociale zekerheid en het gestage verval van publieke infrastructuur – naast steunmaatregelen voor wapenproducenten en fossielebrandstofbedrijven, belastingverlagingen voor de rijken en subsidies voor machtige monopolies. Oproepen tot vermogensbelastingen zullen genegeerd blijven, zelfs terwijl werkende mensen gedwongen worden een groter deel van de belastinglast te dragen. De combinatie van hogere belastingen en lagere overheidsuitgaven zal veel huishoudens over de rand duwen.
Afleidingen door de cultuurstrijd
Terwijl de levensstandaard stagneert en de publieke voorzieningen achteruitgaan, zullen politici die in de zak zitten van gevestigde belangen blijven zoeken naar manieren om de schuld af te schuiven. Zoals ik eerder in mijn column schreef: zolang rechts mensen gefocust kan houden op thema’s uit de cultuurstrijd in plaats van op de kosten-van-levensonderhoudcrisis, zullen ze verkiezingen blijven winnen. Verwacht meer schermutselingen in de cultuurstrijd, meer zondebokdenken richting migranten, en meer moraliseren over individueel gedrag.
De giftige combinatie van individualistische politiek en economische stagnatie zorgt ervoor dat cultuurstrijdpolitiek aantrekkelijk blijft. Het idee is om mensen elkaar – en zichzelf – de schuld te laten geven van de mislukkingen van een economisch systeem dat is ontworpen om de rijken te bevoordelen.
Scheuren in het arbeidsakkoord
Een van de belangrijkste – en minst besproken – ontwikkelingen van de afgelopen jaren is de herpolitisering van werk. Tijdens de pandemie en de kosten-van-levensonderhoudcrisis herwonnen werknemers in veel sectoren enige onderhandelingsmacht, doordat de arbeidsmarkten krapper werden en loonconflicten oplaaiden. Maar de afgelopen jaren hebben we een scherpe terugkeer gezien naar het tegenovergestelde. Hoge rentes, gecombineerd met de impact van AI, hebben de positie van arbeid ten opzichte van kapitaal verzwakt. En beleidsmakers die bezorgd zijn over AI-gedreven werkloosheid hebben geprobeerd de rechten van werknemers verder af te bouwen om “flexibiliteit” op de arbeidsmarkt te bevorderen. In 2026 zullen de grenzen van deze strategie duidelijk worden.
Naarmate we 2026 ingaan, blijft de groei zwak en zullen werkgevers harder duwen om hun marges te beschermen
De reële lonen liggen in veel landen nog steeds onder hun piekniveau van vóór de inflatieschok. Werk is steeds onzekerder geworden, én intensiever en strenger gemonitord. Werkgevers investeren zwaar, niet alleen in AI, maar ook in surveillancetechnologieën die bedoeld zijn om met minder werknemers meer arbeid uit te persen. Ze beloven daardoor productiviteitsstijgingen, maar de productiviteit blijft stagneren. In plaats daarvan leiden deze veranderingen tot burn-out en precariteit voor werknemers, terwijl ze het conflict tussen werknemers en bazen zichtbaarder maken.
We zien het resultaat nu al: een openlijk confronterende arbeids-politiek. Stakingen zijn teruggekeerd in sectoren die ooit als immuun werden beschouwd – van logistiek tot horeca en zorg – terwijl het vakbondslidmaatschap is gestegen onder jonge, kwetsbare werknemers in moeilijk te organiseren sectoren. Naarmate we 2026 ingaan, blijft de groei zwak en zullen werkgevers harder duwen om hun marges te beschermen, waardoor deze conflicten zullen verhevigen.
Versterking van verzet
Als je al deze trends bij elkaar optelt, dan kijken we aan tegen een jaar van verscherpt klassenconflict. Maar dat betekent ook dat de rest van ons nieuwe manieren zal moeten vinden om terug te vechten. Naarmate het moeilijker wordt om het hoofd boven water te houden in een economisch systeem dat wordt gekenmerkt door dalende inkomens, onzeker werk en oplopende schulden, zullen mensen worden aangemoedigd om zichzelf de schuld te geven van de dalende levensstandaard. Maar zelfs in sterk individualistische samenlevingen gaat die strategie maar tot op zekere hoogte op.
We zullen een heropleving zien van netwerken voor wederzijdse hulp
Als je ziet dat iedereen op je werk, in je familie en in je gemeenschap moeite heeft om rond te komen, dan besef je op een gegeven moment dat het systeem kapot is – niet jij. In die context zullen we mensen zien samenkomen om collectieve oplossingen te ontwikkelen voor gedeelde uitdagingen. We zullen een heropleving zien van netwerken voor wederzijdse hulp, organisatie onder huurders en buurtcampagnes – evenals de verdere versterking van de arbeidersbeweging en linkse politieke bewegingen die de geconcentreerde rijkdom en macht aan de top uitdagen.
Deze bewegingen en campagnes zullen kwetsbaar en ongelijkmatig blijven – en ze zullen allemaal te maken krijgen met felle tegenstand van het sterker wordende extreemrechts, dat wordt gesteund door machtige gevestigde belangen. Maar naarmate ze groeien, zullen meer mensen het hyper-individualistische economische model dat ons zo lang met elkaar heeft laten concurreren in twijfel trekken – en in plaats daarvan nieuwe manieren vinden om samen te werken.
Dit artikel verscheen eerder in het Engels op de Substack van Grace Blakeley.