In de bloemlezing getiteld A Libertarian Reader, samengesteld door Engelse (?) anarchist Iain McKay, is een toespraak van de Franse anarchist Sébastien Faure uit januari 1921 opgenomen. Faure bespreekt daarin verschillende bewegingen als revolutionaire krachten – zoals de socialistische beweging, de vrijdenkers, het syndicalisme en de coöperatieve beweging. De Amerikaanse anarchist Robert Graham bericht daarover op zijn site en ik reproduceer diens conclusie uit de toespraak van Faure.

(Door Thom Holterman, oorspronkelijk verschenen op Libertaire Orde foto: wikimedia commons publiek domein)

Faure stelde dat het anarchisme een synthese van verschillende krachten vertegenwoordigt. Binnen de anarchistische beweging zelf pleitte hij voor een ‘anarchistische synthese’ waarin de beste aspecten van anarchistisch individualisme, syndicalisme en communisme worden gecombineerd. Hij erkende dat anarchisten in 1921 een kleine minderheid binnen revolutionair links waren geworden, maar hij vond dat het beter was om duidelijk en consequent te zijn in zijn ideeën en acties dan om massale populariteit te bereiken door zijn eigen principes in gevaar te brengen. Faure’s toespraak werd gepubliceerd als een pamflet, inclusief een Engelse vertaling door Red Lion Press in 2005. De inhoud van de update van A Libertarian Reader is te vinden op de site Anarchist Writers.

Hieronder zal ik eerst een klein portret van Sébastien Faure schetsen. Vervolgens geef ik enkele alinea’s weer, aan de hand van wat Robert Graham van de toespraak van Faure op zijn site opnam. Ik vertaalde en verkorte de tekstgedeelten. [ThH]

Klein portret

Sébastien Faure (1858-1942) is een Franse anarchist en vrijdenker. Hij zette onder meer met de Franse revolutionaire anarcha-feministe Louise Michel (1830-1905) het tijdschrift ‘Le Libertaire’ op (een naam ontleend aan het tijdschrift in 1858 opgericht door Joseph Déjacque – 1821-1864). Ten tijde van de Dreyfus-affaire steunde hij Alfred Dreyfus. In 1904 richtte hij de libertaire school genaamd ‘La Ruche’ op. Faure was eveneens de bedenker en organisator van de Encyclopedie Anarchiste (1934), waar hij zelf voor schreef en waaraan vele anarchisten uit zijn tijd meewerkten. Hij hield zich daarnaast bezig met wat hij ‘synthetisch anarchisme’ noemde, uitgaande van het bestaan van drie tendensen binnen het anarchisme, te weten het communistisch anarchisme (of libertair communisme), het anarcho-syndicalisme en het individueel anarchisme.

De achtergrond ervan is het volgende. In de jaren 1920 liep de discussie over hoe anarchisten zich zouden (moeten) organiseren. In die discussie mengde zich ook de Dielo Truda groep. Die was samengesteld uit Russische vluchtelingen in Frankrijk. Zij hielden zich bezig met het denken over een Platvorm-organisatie voor het anarchisme (Dielo Truda platform). Faure had het daar niet op begrepen omdat hij vreesde dat daarmee de traditionele anarchistische ideeën werden bedreigd. Hij zag meer in een ‘synthetisch anarchisme’; voor hem waren de drie door hem genoemde tendensen niet met elkaar in strijd, maar vormden juist elkaars aanvulling. Elk van die tendensen had zijn eigen functie binnen het anarchisme: libertair communisme had een toekomstige maatschappij in het vizier gebaseerd op verdeling van de productie uit arbeid overeenkomstig de behoeften van iedereen; anarcho-syndicalisme bundelde de krachten tot een massabeweging en zag hij als de beste vorm van anarchistische praktijk; individueel anarchisme leverde gedachten ten behoeve van de afwijzing van overheersing en bevestigde het individuele recht tot persoonlijke ontplooiing. Tot zover het kleine portret. Hierna volgt een aantal alinea’s uit de toespraak van Faure uit 1921.

Anarchisme als revolutionaire kracht

Sébastien Faure:   ‘Het anarchisme is in feite de vereniging van alle krachten waarover ik deze avond heb gesproken. Het is, zoals ik zei, de synthese: anarchisme voert met de vrijdenkers de strijd tegen religie en tegen alle vormen van intellectuele en morele onderdrukking; – anarchisme levert met de Socialistische Partij strijd tegen het kapitalistische regime; – anarchisme is met het syndicalisme in haar strijd voor de verlossing van de arbeider en tegen de uitbuiting van de arbeid door werkgevers; – anarchisme is met anderen in samenwerking in hun strijd tegen het commerciële parasitisme en tegen de tussenpersonen die de profiteurs van dit parasitisme zijn. Kortom, had ik geen gelijk om te zeggen, dat het anarchisme als de synthese van alle andere revolutionaire krachten uit de bus komt; dat het die krachten verdicht, bekroont en verenigt

Het anarchisme respecteert geen enkele vorm van overheersing van de mens over de mens, geen enkele vorm van uitbuiting van de mens door de mens, aangezien het alle vormen van gezag aantast: politieke autoriteit: de Staat; economische overheersing: Eigendom; morele gezag: Vaderland, Religie, Familie; juridisch gezag: rechterlijke macht en politie. [..]

Van alle krachten van de revolutie die ik heb genoemd, telt het anarchisme misschien wel de minst aantal aanhangers. Wij houden ons niet voor de gek als het gaat om onze numerieke kracht, wij weten dat wij geen compacte bataljons hebben, zoals de socialistische partij, de vakbondsbeweging en de coöperatie-beweging: de anarchisten zijn altijd al een minderheid geweest, en – vergeet niet wat ik zeg – zij zullen altijd een minderheid blijven. Dat is onvermijdelijk. [..]

Een minderheid, ja: maar het is niet nodig om met velen te zijn om veel werk te doen. Soms is het beter om minder talrijk en de beste te zijn: hier weegt de kwaliteit op tegen de kwantiteit. Ik geef de voorkeur aan honderd personen die overal zijn, die gaan waar er werk te doen is, waar intelligentie en activiteit te vinden zijn; ik geef de voorkeur aan honderd personen die spreken, schrijven, handelen, die zich hartstochtelijk bezighouden met propaganda, boven duizend die stilletjes thuisblijven en zich inbeelden dat ze hun plicht hebben gedaan wanneer sommigen donaties hebben betaald en anderen hebben gestemd.

Anarchisten zijn en zullen dus altijd met weinigen zijn, maar ze zijn overal. Zij zijn wat ik de gist noem die het deeg doet rijzen. Je ziet ze overal doordringen. Naast de paar duizend verklaarde anarchisten die georganiseerd zijn, zien we velen in andere groepen zitten: sommigen in de vrijdenkersbeweging, anderen in de Socialistische Partij, weer anderen in de C.G.T. [Franse vakbondsfederatie]. Ik ken zelfs een groot aantal, in kleine steden en op het platteland, die zich aansluiten bij de socialistische beweging zonder hun anarchistische ideeën op te geven. Ze worden gedreven door de behoefte om iets te doen, gedreven door de wens om betrokken te raken bij de lokale strijd en de propaganda die onder en om hen heen wordt gemaakt. Er zijn er daarom ook in de vakbond, in de coöperatiebeweging. Ze zijn overal… Sommigen zijn zelfs anarchist zonder het te weten! Want zodra hun wordt verteld wat anarchisme is, zeggen ze: ‘Maar als dat waar is, ben ik een anarchist! Ik ben met u!’. Ja, anarchisme is overal…

De krachten van de revolutie zijn zo groot dat het vanavond van essentieel belang was om ze te bekijken. Ik sluit af, want het is bijna twee uur geleden dat we begonnen zijn. Het zou een hele lezing kosten om elk van deze krachten te onderzoeken en we zouden niet eens alles hebben behandeld. Vanavond heb ik een eenvoudige monografie verschaft: over elke stroming, over elke organisatie, een snelle en korte monografie, van de krachten die een meer gedetailleerde beschrijving verdienen. Ik heb slechts een schets gemaakt. Er is nog een aantal andere stromingen, krachten, groeperingen die niet zonder waarde zijn en die op de dag van de Revolutie de algemene beweging mede zullen beïnvloeden. Daaronder bevinden zich feministische groeperingen en neomalthusianistische en antimilitaristische stromingen. Tot slot wijs ik erop dat we bovenal de socialistische, vakbonds- en anarchistische jongeren hebben, de activisten van morgen. Het zijn deze jongeren die onze hoop zijn en die vandaag de kiem vormen voor de overvloedige oogst van morgen! [..]’.

Sébastien Faure, 25 januari 1921

[De tekst is vertaald en bekort door Thom Holterman; ze is integraal in het Engels te lezen op de site van de Amerikaanse anarchist Robert Graham.]