Vorig jaar werd de revolte van Mei 1968 herdacht. En dan verschijnt in Frankrijk de leus ‘Zij herdenken, wij hervatten’. Niet verwonderlijk is dat die leus nu geknoopt wordt aan de beweging van de gele hesjes. Bij degene die er over schrijft in het februari-nummer van Le Monde libertaire (nr. 1803; 2019) spreekt hoop. Het zou goed zijn als de gele hesjes en de overweldigende meerderheid van het gewone volk dat zich in hun eisen herkent, zich niet laten beïnvloeden door de stuurlui aan wal van allerlei soort, de journalisten, de zogeheten experts, de bureaucratische syndicalisten, de gewetenloze politici.

(Door Thom Holterman, overgenomen van Libertaire Orde)

Al die lui draaien om hen heen om de doelen van de beweging om te keren en om ze binnen de republikeinse (=bestaande) orde terug te krijgen. Want dan zijn ze verkocht. Als je naar hen luistert, leer je namelijk dat buiten het kapitalisme er niemand is die je welkom heet. De revolte van de gele hesjes maakt echter duidelijk dat er genoeg leven is om het lot in eigen hand te nemen, benadrukt Justhom in LMl.

Arc de Triomphe?

Na deze constatering volgt een reeks bijdragen waarin uiteenlopende onderwerpen worden belicht. In het ene geval is er sprake van lage-kosten-psychiatrie door aanhoudende bezuinigingen: ‘Gekte geplaatst onder financiële druk’. Categorie: schrijnend. Schrijnend is ook de gedachte dat als je minimumlonen verhoogt, je mensen alleen maar luier maakt. In een artikel wordt behandeld waar deze retoriek opslaat, waar die vandaan komt, hoe lang die al wordt gebruikt (bij het opstarten van het kapitalisme). Het is een bijdrage over argumentatie, maar als anarchist (elke linkse lezer) kan je er onmiddellijk mee aan de slag.

Wie van de zomer naar Parijs gaat, zal allicht een glimp van de ‘Arc de Triomphe’ opvangen. Een bijdrage over de bouw ervan leert dat de triomfboog niet aan de vrede is opgedragen maar om oorlog, legers, geweld te bewieroken. Vervolgens vindt men nog enkele andere bijdragen waarna het dossier over technologie wordt geïntroduceerd.

Technologie

               ‘Bewezen techniek’

Technologie is een onderwerp waarover al heel veel is geschreven, zowel door voor- als tegenstanders. En je hoeft niet tegen technologie te zijn om er wel kritisch naar te kijken. Dit klinkt door in het redactioneel van LMl, dat ik vertaalde en hier volgt:

“In de geschiedenis van onze beweging, het anarchisme, is de technologische vooruitgang heel vaak in verband gebracht met sociale vooruitgang. In Paroles d’un Révolté bijvoorbeeld beschouwde Peter Kropotkin de vooruitgang van de landbouwtechnieken als een emancipatiefactor in de boerenwereld. Het was aan het einde van de 19e eeuw en de hoop in de emancipatorische deugden van de technologie was aanwezig in de sociale strijdbewegingen. De anarchistische folklore van die tijd ging zelfs zover dat ze zich voorstelde om de burgerlijke voogdij van de wetenschap af te schaffen: Kennis en dynamiet hadden genoeg moeten zijn om de kapitalistische wereld omver te werpen.

Vandaag de dag zien we dat de heftige uitvallen van onze voorouders overleefd zijn en dat de techno-wetenschap een werktuig is dat ten dienste staat van het kapitaal. De wereld heeft zijn structuur niet fundamenteel veranderd en de dominante krachten hebben de technologische vooruitgang omgezet in een instrument en een bron van enorme winsten. Zozeer zelfs dat het substraat van ons leven, de aarde, in groot gevaar is. Niemand kan het meer ontkennen: de opwarming van de aarde die het voortbestaan van onze soort en vele andere diersoorten bedreigt, is inderdaad het resultaat van de menselijke technologische activiteit zoals die sinds het industriële tijdperk, dat wil zeggen sinds het einde van de 18e eeuw, wordt uitgeoefend. Het lijkt ons duidelijk dat alleen een geglobaliseerde economische ‘krimp’ (décroissance) ons in staat zal stellen het ergste te vermijden.

Het heroriënteren van de economie om energie te besparen is absoluut noodzakelijk om het schadelijke fenomeen te vertragen. Maar het stelt ook onze relatie met technologieën in het algemeen ter discussie. Die zijn energie-intensief en vaak zijn ze de oorzaak van enorme verspilling en van een zeer zorgwekkende verandering in menselijk gedrag. Het zijn dergelijke overwegingen betreffende technologieën waaraan in dit nummer een dossier is gewijd.”

Tot zover de redactie van LMl. De opgenomen bijdragen lopen zeer uiteen. Dat is goed voor de gedachtevorming en wellicht ook voor een groepsdiscussie. Ik beperk mij ertoe twee artikelen in het dossier van een kort commentaar te voorzien.

De ‘maffia’ van de geprogrammeerde veroudering

Het ene artikel heeft als titel ‘Is de techniek altijd de draagster van vooruitgang?’. Ik vind dit een centraal punt in de discussie. Het antwoord op de vraag hangt namelijk samen met de voorwaarden die men aandraagt voor de argumentatie. Daaruit zal dan een wisselend antwoord (kunnen) volgen. Zo werden de ludditen die begin 19deeeuw weefmachnies in elkaar sloegen vaak als botte ‘casseurs’ gezien. Het betroffen ambachtslieden (wevers) die van hun arbeid werden beroofd. Zeker. Met weefmachines kon per tijdseenheid meer worden geproduceerd dan in vergelijk door een wever. Zeker. De vraag is nu: maakte die meer-productie de arbeidsdag voor de arbeiders met de weefmachines korter van duur of steeg hun loon? Daar was geen sprake van. De meer-verdiensten verdwenen in de zak van de patroon. Bovendien, door de weefmachines kon die patroon ongeschoold (en dus lager betaald) personeel aannemen. Ook hiervan stak de patroon de financiële meeropbrengst in zijn zak. Kortom, de enige die van de weefmachines wijzer werd, was de patroon.

Daarentegen verslechterde de toestand voor de wevers, die juist verbeterd had kunnen zijn: kortere werkweek, meer salaris. De kloof tussen arm/rijk, patroon/arbeider werd groter. De opstand van de ludditen was dan ook niet een opstand tegen de technologie maar een sociale opstand – de sociale kwestie werd gesteld. Het waren niet botte slopers waarvoor ze werden uitgemaakt aan het werk. De patroon was er zo een, namelijk een sloper van sociale structuren, van vakmanschap, van het milieu (bedenk: we zitten in het begin van de industriële revolutie).

Het andere artikel gaat over de productie van de eerste elektrische lampen. Hier wordt een volgend aspect helder, wat de relatie met technologie betreft. De bijdrage is getiteld ‘Obso, de kern van het kapitalisme’. Obso? Ja, van het Franse ‘obsolescence’, veroudering. De lamp waarover het in de opening van het artikel gaat, brandde al vanaf 1901; die was zo geproduceerd dat die bleef doen waarvoor die was gemaakt: branden. Daar was dus niets aan te verdienen. Eind 1924, zo lezen we in LMl, kwam in Zwitserland een maffiose groep industriëlen van de ‘geprogrammeerde veroudering’ bij elkaar: het Nederlandse Philips, hun Franse soortgenoot Compagnie des Lampes, het Duitse Osram, het Amerikaanse General Electric. Zij vormden het Phoebus kartel (‘The Men who made us spend’; een YouTube van 5 minuten hierover: zien!).

Met een verkooppraatje werd aangekondigd dat de lampen die voortaan gemaakt zouden worden van verbeterde kwaliteit zouden zijn. Ze gingen in werkelijkheid heel wat korter mee: van 2500 uur naar 1000 uur. Het ging dus om achterwaartse vooruitgang. De vooruitgang zat in de winstneming van het maffiose kartel. De leugen waarvan dat kartel zich bediende heerst tot op heden. Op de verpakking van een lamp staat wat zijn branduren zijn (1000, 2000, 6000 uur). Gewone mensen zoals u en ik ervaren dat lampen dat niet halen. Ledlampen gaan 10 tot zelfs 16 jaar mee. Dat zal moeilijk te bewijzen zijn (wie bewaart zolang de kassabon?). Dat het om een leugen gaat, wordt evenwel op de verpakking aangegeven. Daar wordt geschreven dat de garantie een looptijd van drie of van 5 jaar is. Dat is duidelijk korter dan de beloofde branduren. Techniek en leugen? In de sfeer van de ‘georganiseerde productieveroudering’ zitten ze op elkaar geklonken.

Ook in dit laatste geval is het als bij de ludditen. Het gaat niet om een verzet tegen technologie, maar je wilt niet belazerd worden. De gerelativeerde invulling van het dossier maakt dat de meeste bijdragen iets toevoegen aan wat we al van critici als Jacques Ellul en Ivan Illich over technologiekritiek hadden opgestoken. Leerzame lectuur dus.

Thom Holterman

Le Monde libertaire, nr. 1803, februari 2019, 60 blz., prijs 4 euro.

[De cartoon met de rokende schoorstenen is welwillend verstrekt door Brumlord.]