Cradle-to-cradle is de nieuwste hype over het technisch oplossen van het ecologische probleem dat de kapitalistische productiewijze veroorzaakt. Willem Hoogendijk wordt er niet goed van en legt uit waarom.

 

Gisteren zag ik een tweede programma over cradle-to-cradle. In het eerste hadden de uitvinders het idee uitgelegd, namelijk producten zo maken dat je later alle onderdelen weer kunt gebruiken. Uit de voedsel- en materialenkringloop weer terug erin: van wieg tot wieg. Dit streven naar recyclen en 'upcyclen' wordt ook toegepast op gebouwen (moeten gaan werken als een boom...), fabrieken en steden.

Het vervolgprogramma van gisteren toonde enthousiaste bestuurders die het concept in ons land gaan toepassen. Het Floriade-complex in Limburg, de uitbreiding van Almere, een bedrijventerrein in Venlo - allemaal uit te voeren zodat de Aarde er beter van wordt. Dat was inderdaad de grondtoon: geen negatieve verhalen meer, geen schuldgevoel meer als je wilt verdienen of uitbreiden. Hoera!

Mag ik daar (vloek) in Gaia's naam even flink doorheen schieten?

Vroeger, vroeger was er helemaal geen afval. De stront ging het land op (en niet het water in), bakstenen werden zolang mogelijk hergebruikt (nog geen Portland cement die dat zou bederven), voedselafval ging naar de varkens en alles werd eindeloos gerepareerd. Bij mijn welgestelde grootouders werd een papieren boterhamzakje zo lang mogelijk gebruikt en van een oude trui die niet meer te herstellen was werden nog de woldraden uitgetrokken voor nieuwe toepassing. (Dat mijn goed verdienende en absoluut niet vrekkige vader op straat niet aan elastieken en ijzerwaar zoals schroeven voorbij kon lopen vertel ik maar niet. De huidige generatie zou hem voor gestoord houden.) Nee, weggooien, dat was gewoon 'zonde'. En werd er iets weggegooid, kon dat in de natuurlijke kringlopen opgenomen en hergebruikt worden.

Zodat we van onze voorouders een redelijk rijke natuur erfden en slechts wat aardewerk- en glasscherven over hebben, en natuurlijk hun botten en die van hun dieren.(1)

Het systeem was dus: reduce, repair, reuse en recycle (2) - in deze volgorde. Reduce staat dan voor: produceer en koop alleen wat echt nodig is. En daar zit dan het grote verschil met de van-wieg-tot-wiegers. Zij negeren het onvermijdelijke fenomeen van entropie. En dat er groeidwang in onze economie is ontgaat hen ook.

Bij elke omzetting van energie (en materaal is ook opgeslagen energie) is er verlies. Alle recycling en zo kosten energie.Vandaar dat recyclen en upcyclen pas in laatste instantie moet plaatsvinden. Om onze biosfeer nog een beetje overeind te houden, moeten we gauw van de huidige hoog-entropische maatschappij naar een sobere, met veel lagere entropie. (3) Zeker, hier toe draagt bij dat producten en dergelijke recyclebaar in elkaar worden gezet - absoluut. Maar dat is het dan. Het mag geen concept worden dat verdere groei legitimeert, ja, met geheel schuldeloos gemoed wordt doorgezet. Nieuwe wijken, verdiept aangelegde wegen, auto- en tapijtfabrieken, recreatieparken - wat kwam er in het programma niet allemaal voorbij. Maar ja, het dient de verdere groei, en daar is het kapitaal heel tevreden mee. Gaat u dus maar lekker door, heren en dames wiegers. (4) Trekt u zich vooral niks meer aan van die onheilsprofeten en somberkijkers. Voor hen is het immers: van de wieg tot het graf!

----------------------------------------------

Willem Hoogendijk 27 november 2007 Nederland Anders

wh -ad- aarde.org

Zie ook: VPRO prijst cradle to cradle het graf in (Peter van Vliet, iNSnet) 

noten: 

1. Met de komst van vooral gasfabrieken, plastics en andere chemische fabricage kwam de grote klad in de opvang door de natuur. Simon Rozendaal van Elsevier, je kan hier nu komen met de oude loodmijnen, leerlooierijen en dergelijke...

2. Re-use of hergebruik betreft het product zelf, recycle de grondstoffen die het bevat.

3. Om te beginnen moeten we dan 't zien te doen met alles wat er al is aan producten, gebouwen, wegen, enz.. En dat is niet weinig!

4. Een van de wiegers was notabene de directrice van een ecologisch instituut te Wageningen. Niets geleerd van professor Lyklema aldaar? Een van de weinige entropisten in ons land.