De Britse schrijfster Jeanette Winterson schrijft niet alleen onthutsend mooie romans. Ze schrijft ook non-fictie in verschillende media en op haar eigen website, waarbij ze ook politiek fel van leer trekt. Met toestemming van de schrijfster staat hieronder de vertaling van haar recensie van het boek The Gift: How the Creative Spirit Transforms the World geschreven door Lewis Hyde

(de originele recensie is hier te vinden )

===============================

Lewis Hyde's opmerkelijke boek The Gift: How the Creative Spirit Transforms the World, drukt ons op het juiste moment met de neus op het feit dat hoewel we in een warencultuur leven, niet alles te koop is en niet overal een prijs voor is. Ja, kunstenaars verkopen hun werk wel, maar dat is niet hun doel, en ook niet de zin ervan. Kunst, zo vertelt Hyde ons, biedt ons beelden waarmee we ons leven kunnen verbeelden. Binnen in elk echt kunstwerk, groot of klein, zit een geschenk die ook een uitwisseling is; een dwarsstroom van energie vanuit de kunstenaar naar het fantasievolle leven van de persoon die het gegevene ontvangt.

Het geschenk-element staat buiten de het stelsel en de plaats van de markt. Het maakt niet uit of een schilderij een pond kost of een miljoen ponden; het blijft hetzelfde schilderij, ongeacht de prijs die de handelaren en verzamelaars ervoor vastgesteld hebben, en het is de energie van het schilderij die ons aan zal spreken, (of niet), op het moment dat die gemaakt werd en in de toekomst.

Hyde's boek bestaat uit twee delen: Het eerste deel is een onderzoek naar het psychische en psychologische, mysterieuze en materiele wezen van giften en geven.

In de cultuur van de Amerikaanse Indiaan moeten geschenken doorgegeven worden - ze kunnen wel geconsumeerd worden maar mogen niet worden opgepot, en uiteindelijk zal degene die het geschenk oorspronkelijk weggeven had zien dat hij of zij het in een of andere vorm dan ook weer terug krijgt om de cirkel te sluiten.

Westerse handelsnaties hebben lang minachting gekoesterd voor dergelijke culturen, die dingen weg leken te geven die van gigantische waarde waren, in ruil voor wat glitters, maar dat is een fataal misverstaan van het wezen van een schenkcultuur, die niets te maken heeft met handel, maar alles met het knopen van goede banden binnen een gemeenschap, tussen stammen, en ook met de goden.

Kapitalisme is nooit erg goed geweest in het begrijpen dat er meerdere manieren zijn om zaken af te handelen - herinner je je nog Margaret Thatcher's befaamde TINA - There Is No Alternative? Dat het misschien wel een hele goeie zaak zou kunnen zijn om in bepaalde gebieden van het leven helemaal geen zaken te doen, is vloeken in de kerk van wat Wordsworth schamper noemde onze ethiek van 'krijgen en uitgeven'.

Maar velen van ons beginnen nu een ongemakkelijk gevoel te krijgen bij markttriomfalisme - iets dat Hyde beschouwt als het gevolg van de val van het communisme, en we beginnen bepaalde dingen in het leven te beschermen tegen de blinde economie van de marktkrachten. De planeet zelf, ons ultieme gekregen geschenk, is verdeeld en ontgonnen alsof we het zouden bezitten. Kenmerkend voor een schenkcultuur is dat niemand iets echt kan bezitten - en terwijl onze planetaire voorraden afnemen zullen we moeten leren om te delen, om te geven, om op te geven. Dat zal een interessante les zijn voor het hyperkapitalisme.

De creatieve geest weet dat niets bezeten kan worden - creatief werk voelt altijd alsof het als een geschenk gegeven is, daarom hebben we het ook over mensen die 'begaafd' zijn.

De kunstenaar werkt vanuit een ander waardensysteem dan die die ze ons op de marktplaats proberen aan te smeren. Het stereotiepe van de dromerige, ledige dichter, of de woeste bohémien-schilder, of die nu als kritiek of ideaalbeeld wordt gebruikt, is een manier waarop de samenleving probeert iets en iemand te benoemen, en daarmee onschadelijk te maken, die zich buiten de normale controles bevinden.

Het tweede deel van Hydes boek neemt de levens van twee dichters - Walt Whitman en Ezra Pound, en houdt ze tegen het licht van zijn eerdere observaties over wat het betekent om een geschenk/gave te hebben en hoe de hele maatschappij beïnvloed wordt door de aanwezigheid van kunstenaars daarin.

Hij heeft gelijk als hij stelt dat het zakenleven op dit moment op een agressieve manier bezig is om kunst in te lijven, op een tot dusver ongekende manier, van Disney tot Damien Hirst. Zelf denk ik dat dat komt omdat het kapitalisme, dat beweert de enige eerlijke competitie te zijn, geen enkele kritiek op haar eigen waarden kan verdragen - vandaar ook de krankzinnige haat aan het Communisme en de met zachte drang uitgeoefende verleiding van een andere van zijn serieuze vijanden - de kunsten. Met het fenomeen godsdienst heeft het al aardig korte metten gemaakt.

Hyde beklaagt het feit dat het tegenwoordig voor veel kunstenaars onmogelijk is om goedkoop te leven, in de eerbare armoede die de gelijken van Whitman en Pound in staat stelenden om erg weinig te verdienen en toch verder te kunnen werken.

De goedkope buurten van grote steden zijn gretig verorberd door projectontwikkelaars die het als 'cool' verpatsen. Een eigen kamer kost je tegenwoordig een flink salaris en de 'ledigheid' die nodig is om de vreemde gift van 'verscheidenheid' ('otherness') te laten spreken, is nog maar moeilijk te vinden in onze 24/7 alles moet weg-wereld. Maar de gift en de begaafden zijn er nog steeds - even merkwaardig vindingrijk als die andere kosteloze noodzakelijkheid - de liefde.

=============================

The Gift: How the Creative Spirit Transforms the World, Lewis Hyde, 352 p. Canongate Books

(Jeanette Winterson's nieuwste boek is Tanglewreck, (recensie in The Guardian ))

Zie ook: website The Gift Economy

Blogs van Lewis Hyde op The Commons.