Als de Albert Heijn komend weekend de deuren opengooit op Zeeburgereiland, bij IJburg in Amsterdam, kunnen we een staaltje puur economisch machtsvertoon meemaken.

De Franse schrijfster Viviane Forrester schreef in de jaren 1990 een boek met de titel De Terreur van de Economie. Het boek werd in Frankrijk een bestseller. In het boek beschreef de schrijfster hoe de macht van de grote bedrijven en de rijke mannen die daar achter zitten, alles van waarde wegmaait in deze neoliberale tijden. Dit is momenteel in levende lijve te aanschouwen in de nieuwbouwwijk Zeeburgereiland.

Er zat in de wijk al een hele tijd een goed gevulde kruidenier/groenteboer die alles verkoopt waar de AH ook in handelt, maar dan net anders (en vaak beter). Maar dat was een familiebedrijf; kleine hardwerkende ondernemers die voor een deel zelf etenswaren maakten en hun groente en fruit voor dag en dauw op de veiling gingen halen. Ze zullen genadeloos uit de weg geconcurreerd worden. Niemand kan immers op tegen de inkoopmacht van een multinational als AH. Die zal een paar centen goedkoper zijn, door zijn personeel een hongerloon te betalen en de grondstoffen tegen woekerprijzen te bemachtigen en uit de hele wereld in te vliegen.

Er is - via facebook, hoe anders - een soort van discussie geweest over de komst van de super. Een deel van de buurtbewoners stond letterlijk te juichen over de komst van de multinational. Het maakte ze niets uit of het familiebedrijf de grond in geboord werd. Dan moest die maar “slimmer opereren” was het - al dan niet bewust naieve - argument. Alsof er plek zal zijn voor meer dan een kruidenier op die hoek. En klimaat, milieu of mensenrechten? Wat kan het schelen, als we maar makkelijk de kar vol kunnen laden. We stoppen ons geld kennelijk liever in de zakken van de CEO’s en aandeelhouders van een multinational, dan dat we die aan kleine ondernemers of producenten gunnen.

Het familiebedrijf is in het pak genaaid. Ze hebben zich ruim een jaar geleden gevestigd omdat hen beloofd was dat er voorlopig geen concurrerende supermarkt in de wijk zou komen. Daarom durfden ze het aan om een hoop geld te investeren, en gingen ze een extreem duur huurcontract aan waar ze nu aan vast dreigen te zitten. Toen ineens geruchten gingen dat er toch een tweede supermarkt zou komen, bleken de toezeggingen die gedaan waren geen waarde te hebben. Of er werd ontkend dat ze ooit gedaan waren, onder andere op die mysterieuze meet-ups waar nooit duidelijk is of daar nu officiele mededelingen worden gedaan of dat het een gezellig onderonsje is. Toen ze verhaal gingen halen, wilde de gemeente niets voor ze doen. Het is een typisch staaltje ‘corporate power’ dat overal in Nederland de overheid in de zak heeft. Waar de AH meteen alles gedaan krijgt en de vergunningen uit de hoed tovert, wordt Borneo vooral dwars gezeten.

Los van het drama voor de ondernemers van Borneo, betekent het voor de bewoners van Zeeburgereiland dat we voor eeuwig in de eenheidsworst gevangen zullen zitten. Het gemeentelijk beleid dat de stad uitlevert aan de projectontwikkelaars en bouwondernemingen, betekent dat er alleen nog maar winkelketens een plek zullen kunnen krijgen. Dat zijn de enigen die de prijzen van de ‘plinten’ kunnen opbrengen, en die hebben het vermogen om elk kleine ondernemer uit de markt te werken. In de 19e-eeuwse buurten in Amsterdam, zoals de Pijp, hebben we kunnen zien hoe ze alles overgenomen hebben. Zelfs de cafees op de hoek zijn tegenwoordig in handen van ketens als de Coffee Company. Het is de dood voor de buurt, die alleen nog maar expats bedienen die toch geen binding met een buurt willen hebben. In een buurt als ZBE worden we kennelijk geacht allemaal expats te zijn.

Waarschijnlijk over een paar maanden dus geen zelfgemaakte baklava meer, of bier in exotische blikken, maar alleen nog de eeuwige meuk van Unilever en Heineken die je overal al door de strot geduwd krijgt. De eenheidsworst regeert, en een deel van de bewoners staat te juichen.