Het handelsverdrag CETA verstoort ons landbouwbeleid. Niet ratificeren dus, adviseert Sieta van Keimpema, voorzitter van de Dutch Dairymen Board en vicevoorzitter van de European Millkboard.

(Door Sieta van Keimpema, oorspronkelijk verschenen in Dagblad Trouw)

Handelsverdrag CETA wordt nu al een jaar lang 'voorlopig toegepast', waardoor de Europese markt open is voor Canadese producten als bijvoorbeeld rund- en varkensvlees. Maar het speelveld voor boeren in Europa en in Canada is al een jaar lang niet gelijk.

Want de Europese standaarden die wij als Nederlandse boeren aanhouden voor het identificeren en registreren van onze dieren, gelden in Canada niet. Het is daardoor niet te controleren of de dieren bij onze Canadese collega's groeihormonen krijgen die in Europa verboden zijn, waardoor dieren sneller groeien.

Daarnaast weten consumenten niet of Canadees vlees dat ze eten afkomstig is van dieren die medicijnen hebben gehad die in de EU verboden zijn en ook is niet helder welk voedsel (genetisch gemodificeerd, dierbasis) deze dieren hebben gegeten. En hoe kunnen wij als Nederlandse boeren, die wel aan Europese identificatie-, en registratieregels moeten voldoen, concurrerend werken op dit ongelijke speelveld?

Race to the bottom

Het ontbreken van vergelijkbare regelgeving voor identificatie en registratie' (ofwel I & R) aan Canadese zijde kan door de voorlopige toepassing van CETA in Europa nu al een jaar gevaren opleveren voor de volksgezondheid en voor het consumentenvertrouwen in vlees en melkproducten.

Het is ook een ondermijning van het nieuwe duurzame beleid van landbouwminister Carola Schouten. Minister Schoutens voorstellen passen helemaal in de huidige tijdsgeest waarin producenten en consumenten stap voor stap de ommezwaai maken van winstmaximalisatie naar duurzame ontwikkeling. Maar handelsverdragen als dat van CETA stammen nog uit het neoliberale tijdperk en doorkruisen Schoutens beleid.

Juist met een progressief land als Canada zou het mogelijk moeten zijn om handelsverdragen te schoeien op de leest van de kringlooplandbouw en duurzame vlees- en melkproductie, in plaats van het blijven faciliteren van uitputting van mens, dier en planeet voor zo goedkoop mogelijke producten. Het stoppen van deze race to the bottom ten koste van boeren, de volksgezondheid, het milieu en het dierenwelzijn zou ook passen in de door ChristenUnie-fractievoorzitter Gert-Jan Segers in deze krant aangekondigde strijd van zijn partij tegen het neoliberalisme.

Gekkekoeienziekte

Eind september 2017 ratificeerde het Europese Parlement CETA en trad het handelsverdrag voorlopig in werking, zonder dat de I & R in Canada op peil is. Nederlandse consumenten lopen risico's met een stukje Canadees vlees op hun bord, omdat kwaliteitscontrole simpelweg niet mogelijk is.

Bij uitbraak van ziekten als de gekkekoeienziekte (BSE) en bij voerschandalen (dioxine, fipronil) waren risico's voor de volksgezondheid te minimaliseren doordat dieren en bedrijven getraceerd en geruimd konden worden. Die garantie heb je niet bij Canadees vlees. Daardoor bederft de markt: Europese vleesproducenten maken wel de kosten voor I & R en krijgen hoge boetes bij hiaten in de administratie, waardoor de concurrentie oneerlijk is.

Een aantal Europese parlementen heeft CETA al geratificeerd, de Italianen dreigen niet te ratificeren en het Nederlandse parlement is nog aan zet. Omdat CETA niet in het coalitieakkoord is vastgelegd is dit een ander dossier dan de dividendbelasting voor de coalitiepartijen. Het is een vrije kwestie.

Samen met de 'Handel Anders!'-coalitie van boeren, ondernemers, vakbonden, consumenten, mensenrechten- en milieuorganisaties rekenen wij als voedselproducenten op de partijen in de Tweede Kamer die staan voor verduurzaming van de voedselproductie in ons land om handelsverdrag CETA niet te ratificeren, in afwezigheid van sluitende I & R-regels in Canada.