Vakbond agenten Amerikaanse migratiepolitie sluit bijzonder akkoord

(Door Alexandra Bradbury *) vertaling oorspronkelijk verschenen op solidariteit.nl)foto United We Dream)

Wat gaat er door je heen, als ik je vertel dat een werkgever ermee heeft ingestemd dat hij geen enkele beleidsverandering in gang kan zetten zonder vooraf bevestigde toestemming van de vakbond? Je zou misschien zeggen: Zo! Dat is nog eens arbeidersmacht! Maar wacht nog maar even met juichen tot je hoort wie deze werkgever is. Het gaat namelijk om de Immigration and Customs Enforcement (ICE), de federale, Amerikaanse politiedienst die immigranten vastzet en deporteert.

Deze overeenkomst werd ondertekend door een afzwaaiende politicus aan de vooravond van de inauguratie van Joe Biden. Het was een valstrik in een poging om Trumps anti-immigratiebeleid beter te verankeren. Je kan je eigenlijk ook geen andere situatie voorstellen, waarbij een werkgever zo gretig dergelijke voorwaarden zou accepteren. Veel werknemers bij publieke diensten hebben immers niet eens het wettelijke recht om collectief over hun lonen te onderhandelen.

Politiek verschil

De agenten van de ICE staan erom bekend dat ze sterke voorstanders zijn van deportatie, nog meer dan hun nieuwe baas Tae D. Johnson. Recentelijk werd Joe Bidens moratorium [verklaring van uitstel] op deportaties tijdelijk geblokkeerd door een rechter. De ICE liet er toen geen gras over groeien en zond snel 22 kinderen terug naar Haïti en probeerde nog een asielzoeker terug te sturen naar een zekere marteling in Kameroen. Sinds Biden in het Witte Huis zit, zijn er 26.248 mensen gedeporteerd.

Foto In de avond van 17 februari werd gedemonstreerd bij het hoofdkantoor van Immigration and Customs Enforcement (ICE). De dienst heeft sinds Bidens aantreden 26.248 mensen gedeporteerd.

Ik word er kwaad van als vakbondsverworvenheden worden ingezet om racistisch geweld aan te jagen en hervorming te dwarsbomen. Maar kunnen we deze 'vakbond' wel bekritiseren zonder in anti-vakbondspraat te verzanden? Jazeker wel. Dit is geen hellend vlak. Het is juist een kans helder uiteen te zetten wat een vakbeweging niet is. We hoeven ons niet schuchter te gedragen vanwege het feit dat we een andere houding aannemen tegenover bonden van politie- en grensbewakingsdiensten dan tegenover onderwijs- of vervoersbonden. Er is een fundamenteel verschil. En dat verschil is politiek.

Dodelijke terreur

Arbeiders die macht opbouwen op hun eigen werkplek, om op te komen voor hun eigen belangen, zijn een cruciale bouwsteen van de arbeiders- en vakbeweging. Maar het is in het geheel geen beweging als het daar ophoudt. Het doet er namelijk toe of we die macht opbouwen voor het gemeenschappelijke belang of om samen te spannen in de onderdrukking van andere arbeiders.

Immigratiebeleid is in de kern arbeidsbeleid. De deportaties, de invallen en de permanente ellende vormen een samenspel dat ervoor zorgt dat een groep arbeiders marginaal genoeg blijft om slechte lonen en slechte arbeidsomstandigheden te willen accepteren. Er wordt wel gezegd dat immigranten het werk doen dat Amerikanen niet doen en dat wordt dan soms zelfs sympathiek bedoeld. Maar dan klinkt het wel alsof immigranten op de één of andere manier fundamenteel anders zijn dan niet-immigranten. Misschien dat ze sterker zijn, harder werken of dat ze juist minder trots en minder veiligheidsbewust zijn. Dat is echter niet waar. Immigranten en niet-immigranten zijn dezelfde soort mensen, maar onder verschillende omstandigheden.

In één dag in 2016 verwijderde de ICE met zijn invallen tien procent van de inwoners van het stadje Merton in Mississippi. Het ging om 680 werknemers in pluimveebedrijven. Sommigen werden opgepakt vlak nadat ze hun kinderen hadden afgezet voor hun eerste schooldag. Zo'n klimaat van terreur is de wijze waarop de industrie steeds routineus wegkomt met werkelijk verschrikkelijke gevaren, zoals het chemisch lek afgelopen januari waarbij zes medewerkers van een pluimveebedrijf in Georgia omkwamen. En momenteel zijn de pluimveebedrijven broeinesten van Covid.

Kies een kant

Een recent onderzoek van de Universiteit van Californië in San Francisco, belichtte de corona doden in de staat per beroep en per bedrijfstak. Opmerkelijk genoeg deed de hoogste sterfte zich niet voor onder werknemers in de gezondheidszorg. De vijf meest dodelijke banen waren souschef, magazijnmedewerker, boerenarbeider, bakker en arbeider in de bouw. Laat dat nu precies het soort banen zijn dat in Californië veelal door immigranten wordt gedaan.

Hetzelfde geldt voor de gevangenisopsluiting, armoede ín de grote stad of op het platteland en de zogenaamde right-to-work staten waar vakbondslidmaatschap niet verplicht mag worden om een baan te krijgen. Als een bepaalde groep in een wanhopige situatie wordt gehouden, ondermijnt dat de positie en de belangen van iedereen. Onze economie drijft op deze vorm van uitbuiting. We moeten dat hervormen. Dat is de rol van de vakbeweging. Een vakbond die daarentegen deze situatie steunt, treedt op als onze tegenstander.

Dus, als politie-agenten hun 'vakbonden' inzetten om racisme te beschermen en de agenten van de immigratiediensten de hunne gebruiken om deportaties aan te jagen, dan komen ze op voor de belangen van de werkgevers. En dan zijn het niet mijn kameraden.

*) A 'Union' That Pushes to Deport People Is the Labor Movement's Opponent - Alexandra Bradbury is redacteur en codirecteur van Labor Notes. Vertaling: Herre de Vries.