debtIn tien jaar tijd heeft Spanje een schuld terugbetaald van 1.020 miljard euro, renteaflossingen inbegrepen. Dat is drie maal het bedrag dat de Spaanse staat in 2000 heeft ontleend. Dat betekent een enorme overheveling van rijkdom en die is men gaan helen bij de bevolking en de openbare dienstverlening, en dit ten voordele van de rijke schuldeisers. Dat is dus hetzelfde verhaal als bij Griekenland en Portugal.

De Spaanse overheidsschuld is het mikpunt van heel Europa, omdat de financiële markten (investeringsbanken, speculatieve fondsen en verzekeringmaatschappijen) op die schuld blijven speculeren met één doel voor ogen: vette voordelen binnenhalen. Daardoor verarmt de gezamenlijke bevolking, want al dat gespeculeer leidt tot het betalen van almaar hogere intresten, wat ten koste gaat van de andere overheidsuitgaven: onderwijs, pensioenuitgaven, bejaardenzorg en werkloosheidsuitkeringen, justitie, gezondheid en andere sociale bestedingen. Al die besparingsmaatregelen lijken op de fameuze structurele hervormingsplannen die men sinds de jaren 80 ook in het zuiden van de planeet heeft doorgevoerd. Ze hebben maar één effect: ze vergroten de sociale ongelijkheid wat zich uit in een steeds grotere de verarming van de bevolking, vooral bij de meest kwetsbare lagen ervan: vrouwen, etnische minderheden, jongeren, migranten, werklozen en gepensioneerden.

In tegenstelling tot het heersende discours, zijn het nochtans niet de openbare uitgaven die de schulden van de Spaanse staat verhoogd hebben. Het zijn andere maatregelen die aan de basis liggen van een toenemende schuldpositie, maatregelen die verre van voordelig waren voor het geheel van de bevolking. Zo bijvoorbeeld de verlaging van de successierechten en van de belasting van de giften, de mindering van de belasting op de hoogste schijf van de personenbelasting en de afschaffing van de vermogensbelasting. Al die belastingverminderingen kwamen ten goede aan de allerrijksten, van het wie het patrimonium dan nog eens – als ware het een beloning voor hun hebzucht – beschermd werd door fiscale fraude, de verlaging van de vennootschapsbelasting en allerlei fiscaal interessante financiële constructies, zoals de BEVEKS (Investeringsmaatschappijen).

Sneeuwbaleffect
De onderliggende logica bestaat er dus in de hele bevolking te doen betalen voor economische voordelen waar alleen een klein aantal mensen van profiteren, die zich aldus dankzij de staatsschuld verrijken. Het is echter niet gemakkelijk om precies te weten hoe groot het deel van de begroting is dat besteed wordt aan de terugbetaling. Dat is te wijten aan een weloverwogen politieke wil om die zaken voor de bevolking verborgen te houden. Door het speciale karakter van de staatsschuld, dat erg verschilt van de courante voorstelling die men zich maakt bij het begrip schuld in het geval van privé personen en bedrijven, is het moeilijk om zich een correct beeld te vormen van de staatsschuld. In het geval van gewone leningen, betaalt men het geleende geld (kapitaal genoemd) net als de rente terug in naarmate de overeengekomen termijnen verstrijken. Een staat daarentegen betaalt alleen de intresten (bijvoorbeeld staatsobligaties of staatsbons) op geregelde tijdstippen terug, tot aan de vervaldatum. Dan pas moet ook het kapitaal in zijn geheel, ineens dus, terug worden betaald.

Daarom is het normaal dat de staten zich opnieuw in de schulden steken om oude schulden, op hun vervaldatum, terug te kunnen betalen. Dan kunnen ze die uitgaven wegcamoufleren, omdat op die manier hun begroting in evenwicht blijft. De uitgaven om hun oude schulden te delgen zijn immers gelijk aan de inkomsten van de pas aangegane schulden. Maar, als hun schuld toeneemt als gevolg van een slecht budgettair beheer, moet er almaar meer afbetaald worden, wat dan weer nieuwe schulduitgaven met zich brengt. Bovendien kan het goed mogelijk zijn dat die nieuwe schuld tegen slechtere voorwaarden wordt aangegaan, bijvoorbeeld tegen een hogere rentevoet. Dat is trouwens pas nog gebeurd. Zo krijg je het klassieke sneeuwbaleffect : de schuld neemt toe door zowel de hogere intrestvoeten als ten gevolge van de aflossing van de oude schuld. Noodzaak van een schuldaudit

Een nauwkeurig onderzoek van de algemene staatsbegroting (consulteerbaar op de site van het Spaanse ministerie van Economische Zaken en Financiën) maakt het mogelijk na te gaan hoeveel de Spaanse overheid gedurende de laatste jaren heeft uitgegeven aan kapitaalterugstortingen. Zo is de terugbetaling van kapitaal voor het jaar 2010 vergelijkbaar met de begroting van dit jaar. Als we de intresten en de laatste terugbetaling van kapitaal optellen, dan merken we dat tussen 2000 en 2010, de Spaanse overheid drie maal heeft terugbetaald, wat zij in 2000 aan schulden had, maar dat er ook nog het dubbele van die som uitstaat. We zien ook dat intresten en het terugbetaalde kapitaal, én de totale schuld, sinds 2000zijn blijven stijgen. Dat zal er met huidige speculatie tegen de Spaanse schuld niet op verbeteren.
Als besluit kan men dus stellen dat het totaal onrechtvaardig is om te besparen op openbare diensten zoals onderwijs en gezondheidszorg om een schuld terug te betalen, vooral omdat het de bedoeling is een begrotingstekort terug te dringen dat alleen de allerrijksten ten goede is gekomen. Desnoods onder druk van de bevolking moet de Spaanse staat al zijn schuldrekeningen openbaar maken opdat de bevolking, steunend op het Spaanse en internationale recht, kan beslissen of ze een onwettige schuld moet terugbetalen. Tenslotte werd die schuld in feite al meerdere malen terugbetaald. Die schuldaudit kan ervoor zorgen dat de transferstroom van rijkdommen als gevolg van het schuldenbeheer omgekeerd wordt: niet meer ten voordele van de rijke schuldeisers, maar wel gericht op het welzijn van de hele bevolking.

---------------

Te bezoeken: Oorspronkelijk artikel op www.bastamag.net

Yves Julien, Jérôme Duval (Patas Arriba, coördinatie Attac - CADTM) – Valencia
Met dank aan Koen Dille voor de vertaling.