Evo Morales, President van Bolivia over de onderhandelingsronde van de WTO (18 juli 2008)
Geschreven door rob bleijerveld zondag, 20 juli 2008 01:48
Een analyse van de Boliviaanse president over de Doha Ronde met zijn visie over hoe een Ontwikkelingsronde er daadwerkelijk uit moet zien: een wijze van handeldrijven die bijdraagt aan het evenwicht tussen landen, regio's en moeder natuur met evaluatie en correctie van handelsregels in termen van duurzame ontwikkeling. Met de actieve inbreng en deelname van alle ontwikkelingslanden, maar ook van alle burgers.
(vertaling + extra noot: Rob Bleijerveld)
"International trade can play a major role in the promotion of economic development and the alleviation of poverty. We recognize the need for all our peoples to benefit from the increased opportunities and welfare gains that the multilateral trading system generates. The majority of WTO members are developing countries. We seek to place their needs and interests at the heart of the Work Programme adopted in this Declaration. Doha World Trade Organization Ministerial Declaration, November 14, 2001"
Met deze woorden begon zeven jaar geleden de WTO-onderhandelingsronde. Staan economische ontwikkeling, de verlichting van armoede, de behoeften van alle volkeren en het toenemen van kansen voor ontwikkelingslanden echt centraal bij de huidige onderhandelingen in de WTO?
Als dat echt zo was, zouden alle 153 lidstaten, en vooral de overgrote meerderheid van ontwikkelingslanden, de belangrijkste spelers zijn bij de WTO-onderhandelingen. Wat we echter zien, is dat een handvol landen, zo'n 35 in aantal, zijn uitgenodigd door de WTO-voorzitter om deel te nemen aan informele bijeenkomsten. Op deze wijze kunnen zij hun positie danig verbeteren en de akkoorden voor deze "Ontwikkelingsronde" van de WTO helpen voorbereiden.
De onderhandelingen van de WTO zijn verworden tot een gevecht waarbij de ontwikkelde landen proberen om de markten van ontwikkelingslanden te openen ten gunste van hun eigen grote ondernemingen.
De noordelijke landbouwsubsidies, die vooral naar de agrarische en voedselverwerkende industrieën in de VS en Europa gaan, zullen niet alleen blijven bestaan maar worden zelfs verhoogd zoals de 2008 Farm Bill [1] van de VS aantoont. De ontwikkelingslanden moeten hun tarieven voor hun landbouwproducten verlagen terwijl de daadwerkelijke subsidies [2] die de VS of de EU verstrekken voor hun landbouwproductie niet zullen verminderen.
Bij de WTO-onderhandelingen over industriële goederen wordt van de ontwikkelingslanden gevraagd om hun tarieven met 40 tot 60% te verminderen terwijl de ontwikkelde landen hun tarieven gemiddeld slechts met 25 to 33% zullen verminderen.
Voor landen zoals Bolivia zal de erosie van handelsvoorkeuren door de algehele tariefsverlaging negatieve gevolgen hebben op de concurrentiekracht van onze exportsector.
De erkenning van asymmetrieën en van een werkelijke en effectieve speciale en gedifferentieerde behandeling ten gunste van ontwikkelingslanden wordt beperkt en belemmerd wanneer die wordt bepaald door de ontwikkelde landen.
Tijdens de onderhandelingen wordt door bepaalde landen sterke druk uitgeoefend om te komen tot de liberalisering van nieuwe dienstensectoren terwijl we juist de liberalisering van basisvoorzieningen op gebied van onderwijs, gezondheidszorg, water, energie en telecommunicatie definitief zouden moeten schrappen uit het Algemeen Akkoord over Handel in Diensten van de WTO (GATS). Deze diensten betreffen mensenrechten die niet het object mogen zijn van particuliere commerciële relaties en liberaliseringsregels die tot privatisering leiden.
De deregulering en privatisering van financiële diensten zijn enkele van de redenen voor de huidige wereldwijde financiële crisis. Verdere liberalisering van diensten zal niet méér ontwikkeling brengen maar zal wel de kans op een crisis en op speculatie op vitale terreinen als de voedselvoorziening doen toenemen.
Het regiem voor intellectueel eigendomsrecht dat door de WTO is gevestigd, bevoordeelt vooral de transnationale ondernemingen die patenten monopoliseren waardoor medicijnen en andere vitale producten duurder worden. Zij bevorderen ook de privatisering en commercialisering van het leven zelf zoals aangetoond door de verschillende patenten op planten, dieren en zelfs menselijke genen.
De armste landen zullen de grootste verliezers zijn. De economische ramingen van een potentieel WTO-akkoord, zelfs die welke zijn uitgevoerd door de Wereldbank [3] geven aan dat de opgetelde kosten van het verlies aan werkgelegenheid, de inperking van nationale beleidsvoering en het verlies aan tariefinkomsten groter zullen zijn dan de "voordelen" van de zogenaamde Ontwikkelingsronde.
Na zeven jaar heeft de WTO-ronde anker geslagen in het verleden en is ze verouderd door de belangrijkste fenomenen waarmee we nu te maken hebben: de voedselcrisis, de energiecrisis, de klimaatsverandering en het verdwijnen van culturele verschiedenheid. De wereld wordt ten onrechte voorgehouden dat een akkoord nodig is om de wereldwijde problemen op te lossen. De fundamenten van dit akkoord zijn ongeschikt om deze problemen aan te pakken.
Studies van de FAO wijzen uit dat het op basis van de huidige capaciteit voor landbouwproductie mogelijk is om 12 miljard mensen te voeden, dus bijna het dubbele van de huidige wereldbevolking. Maar er is een voedselcrisis gaande omdat de productie niet is gericht op het welzijn van mensen maar op de markt, speculatie en winstgevendheid van de grote producenten en de voedsel-marketeers. Om de voedselcrisis aan te pakken, is het noodzakelijk om de kleinschalige en op familiebedrijfjes gerichte landbouwgemeenschap te ondersteunen. De ontwikkelingslanden moeten weer het recht krijgen om hun importen en exporten te reguleren [4] om zo de voedselvoorziening voor hun bevolking te kunnen garanderen. We moeten een eind maken aan consumentisme, verspilling en luxe. In de armste delen van de planeet sterven elk jaar miljoenen mensen van de honger. In de rijkste delen worden miljoenen dollar uitgegeven om vetzucht te bestrijden. We consumeren buitensporig, verspillen natuurlijke hulpbronnen en produceren het afval dat Moeder Aarde vervuilt.
Landen zouden prioriteit moeten geven aan de consumptie van hetgeen lokaal wordt geproduceerd. Een product dat de halve wereld rondgaat alvorens het zijn eindbestemming bereikt, kan weliswaar goedkoper zijn dan een ander product dat in eigen land is vervaardigd, maar de ecologische kosten van het transport en de energieconsumptie en de CO2-uitstoot van de productie zijn hoger. Consumeren wat lokaal wordt geproduceerd is gezonder voor de planeet en de mensheid.
Buitenlandse handel moet aanvullend zijn aan de lokale productie. We mogen niet kiezen voor buitenlandse markten als dat ten koste gaat van de nationale productie. Het kapitalisme wil ons allen eenvormig maken zodat we veranderen in louter consumenten. Voor het noorden bestaat er slechts één ontwikkelingsmodel, namelijk dat van henzelf. De uniforme modellen van de economische ontwikkeling worden vergezeld van processen van veralgemeniseerde acculturatie [5] om ons één enkele cultuur op te leggen, één enkele mode, één enkele manier van denken en dingen beoordelen. Met het vernietigen van een cultuur, het dreigen met de vernietiging van de identiteit van een volk wordt de mensheid de meeste schade berokkend.
Respect en het op vreedzame en harmonische wijze aanvullen van de verschillende culturen en economieën is essentieel voor het redden van de planeet, de mensheid en het leven. Een onderhandelingsronde die daadwerkelijk over ontwikkeling gaat en die verankerd is in heden en toekomst van de mensheid en de planeet zou daarom:
* de deelname van alle ontwikkelingslanden in alle WTO-bijeenkomsten moeten garanderen en elke exclusieve bijeenkomst zoals de "green room" moete stopzetten [6];
* van daadwerkelijke assymetrische besprekingen ten gunste van ontwikkelingslanden moeten uitgaan waarbij de ontwikkelde landen doeltreffende concessies doen;
* de belangen van ontwikkelingslanden moeten respecteren zonder grenzen te stellen aan hun capaciteit om nationaal beleid voor landbouw, industrie en diensten te ontwerpen en uit te voeren;
* op doeltreffende wijze de protectionistische maatregelen en subsidies van de ontwikkelde landen moeten reduceren;
* moeten verzekeren dat ontwikkelingslanden het recht krijgen om hun opkomende industrieën te beschermen voor zolang ze dat nodig achten, op dezelfde wijze waarop de geïndustrialiseerde landen dat in het verleden deden;
* het recht van ontwikkelingslanden op het reguleren en vaststellen van eigen beleid in de dienstensector moeten garanderen, waarbij uitdrukkelijk de basisvoorzieningen uit het Algemeen Akkoord over Handel in Diensten van de WTO (GATS) worden verwijderd;
* de monopolies van grote ondernemingen over intellectueel eigendomsrecht moeten beperken, de overdracht van technologie moeten bevorderen en de patentering van alle vormen van leven moeten verbieden;
* de voedselsouvereiniteit van landen moeten garanderen en elke beperking moeten weghalen die de mogelijkheden van staten om voedselexporten en -importen te reguleren aan banden legt; en
* maatregelen moeten aannemen die bijdragen aan het beperken van consumptie, het verspillen van natuurlijke hulpbronnen, het verwijderen van broeikasgassen en het produceren van afval dat Moeder Aarde schaadt.
In de 21e eeuw kan een "Ontwikkelingsronde" niet langer uitgaan van "vrijhandel", maar moet juist een wijze van handeldrijven bevorderen die bijdraagt aan het evenwicht tussen landen, regio's en moeder natuur, waarbij indicatoren worden vastgesteld die de evaluatie en correctie van handelsregels in termen van duurzame ontwikkeling mogelijk maken.
Wij, de regeringen, dragen een enorm grote verantwoordelijkheid ten aanzien van onze burgers. Niet alleen ministers, zakenlieden en "deskundigen" moeten overeenkomsten zoals die van de WTO kunnen inzien en erover debatteren, maar dat geldt ook voor alle burgers. Wij, de burgers van deze wereld, moeten niet langer passieve slachtoffers blijven van deze onderhandelingen maar moeten de belangrijkste spelers worden van ons heden en onze toekomst.
Evo Morales Ayma
President van Bolivia
Bron (engelstalig): http://boliviarising.blogspot.com/2008/07/evo-morales-president-of-bolivia-on.html)
Noten:
[1] Op 22 mei werd de 2008 Farm Bill aangenomen door het Amerikaanse parlement. Het staat ondermeer het verlenen van landbouwsubsidies toe tot een bedrag van 307 miljard dollar over de komende 5 jaar. Daarvan zal ongeveer 208 miljard dollar worden besteed aan voedselprogramma's.
[2] De huidige concepttekst voor de landbouwonderhandelingen gaat uit van de vermindering van de Amerikaanse subsidies met 13 tot 16.4 miljard dollar per jaar. In werkelijkheid gaat het om een reductie van ongeveer 7 miljard dollar per jaar. De Europese Unie biedt bij de WTO-onderhandelingen niet meer aan dan de hervorming die ze in 2003 in het kader van de Common Agricultural Policy (CAP) uitvoerde.
[3] De ontwikkelingslanden hebben weinig te winnen bij de WTO-ronde: het geschatte voordeel voor hen is 0.2%, de wereldwijde armoedereductie betreft 2,5 miljoen mensen (minder dan 1% van het totaal aantal armen) en de verliezen door misgelopen tariefinkomsten bedragen tenminste 63 miljard dollar (Zie: "Market and Welfare Implications of Doha Reform Scenarios," door Anderson, Martin, en van der Mensbrugghe, in Agricultural Trade Reform and the Doha Development Agenda van Anderson en Martin (https://www.gtap.agecon.purdue.edu/resources/download/2241.pdf); en "World Bank in Back to the Drawing Board: No Basis for Concluding the Doha Round of Negotiations," door Kevin P. Gallagher en Timothy A. Wise, RIS Policy Brief #36 (http://www.ris.org.in/pb36.pdf)).
[4] Deze regulering moet het recht omvatten exportbelastingen te heffen, tarieven te verlagen (ter begunstiging van bepaalde import), bepaalde exporten uit te bannen, binnenlandse productie te subsidiëren, prijsbanden vast te stellen, en moet - in het kort - elke maatregel omvatten die uitgaande van de situatie in het betreffende ontwikkelingsland nodig is om op de beste wijze de voedselvoorziening voor de bevolking te garanderen.
[5] [Toevoeging RB:] Onderlinge culturele uitwisseling bij eerste contact tussen groepen en aanpassing van de originele culturele patronen als gevolg daarvan.
[6] 'Green room meetings' is de naam voor de informele onderhandelingen bij de WTO waaraan een groep van 35 landen deelneemt die door de directeur-generaal van de WTO is uitgekozen.
[7] Bij het daadwerkelijk reduceren van de landbouwsubsidies van de VS blijft er minder dan 7 miljard dollar per jaar over.





